430748
Binnenland

Oud-wethouder Van Rey overtuigd van onschuld

’Mij valt niets te verwijten’

Hij heeft geen idee waarom hij is aangemerkt als verdachte. Ex-Kamerlid, ex-Statenlid, ex-wethouder van Roermond en ex-VVD’er Jos van Rey beklaagde zich vanmorgen tijdens de eerste dag van zijn strafproces weer uitgebreid over zijn vervolging wegens ambtelijke corruptie, verkiezingsfraude en witwassen.

Zijn hele gezin is in de ellende gestort, aldus van Rey, door de inval in zijn huis ,,en de grootste doorzoeking sinds de Tweede Wereldoorlog.” Hij vindt dat hem niets valt te verwijten. ,,Ik ben vermoord, maar ik leef nog.”

De rechtbank begon vanmorgen met het eerste onderdeel van de verwijten die het Openbaar Ministerie Van Rey maakt: zijn handelen als adviseur van de sollicitatiecommissie die ging over de benoeming van een nieuwe burgemeester voor Roermond. Van Rey wordt verweten dat hij vertrouwelijke informatie lekte naar partijgenoot en kandidaat Ricardo Offermanns, destijds nog burgemeester van Meerssen.

Volgens de Gemeentewet is dat strafbaar, maar die wet is achterhaald, vindt Van Rey. Volgens hem wordt over alle benoemingen vooraf binnen alle partijen overleg gevoerd. ,,Klankborden”, noemt hij dat. ,,Anders vindt er geen enkele politieke benoeming meer plaats.”

Dit gebeurt overal, doceerde Van Rey: ,,Op lokaal, provinciaal en landelijk niveau.” Het overleg via ,,partijkanalen” is volgens Van Rey binnen de politiek volkomen geaccepteerd. Ook door de man op straat.

Voorzitter Jacco Janssen: ,,Dan wordt er toch een toneelstukje opgevoerd tijdens de sollicitatiegesprekken? Hoe illusoir wordt zo’n gesprek als de helft van de kandidaten de vragen al kent?” Volgens Van Rey kan er op die manier wel degelijk sprake zijn van echte competitie, en gaat het erom welke partij zijn favoriete kandidaat het beste voorbereid. ,,Bovendien zijn sommige kandidaten zo nerveus dat ze tijdens het gesprek zijn vergeten wat de vragen waren. Wat ik heb gedaan is volkomen ingeburgerd in Nederland.”

Voorzitter Janssen: ,,Is het nou zo dat u zegt: Als iedereen het doet, dan mag het?” Daar komt het volgens Van Rey wel op neer. ,,Zo werkt dat in het land. En niemand die er verbaasd van opkijkt.”