445536
Binnenland

’Daar moeten artsen meer aandacht voor hebben’

Oplossing voor zere arm na borstkanker nabij

MAASTRICHT - Kankerbehandelaars hebben vaak onvoldoende oog voor de pijnlijke ophoping van lymfevocht (oedeem) in de arm ná een borstkankeroperatie. Duizenden vrouwen per jaar in Nederland raken hierdoor in meer of mindere mate gehandicapt.

Dat blijkt uit een belangwekkende studie door de Universiteit van Maastricht. Veel vrouwen kunnen hun arm en/of hand, na het ondergaan van een ’okselkliertoilet’ (het chirurgisch wegnemen van lymfeklieren uit de oksel), nauwelijks nog gebruiken. Velen omhullen de gezwollen arm vaak jarenlang noodgedwongen met een huidkleurige elastische kous.

Hinder

Volgens plastisch chirurg in opleiding Tiara Lopez Penha onderschatten echter veel medische professionals deze ernstige complicatie bij hun patiënten. Zij deed onderzoek naar zowel de oorzaken als de psychische en motorische gevolgen van lymfoedeem bij enkele tientallen patiënten. Vrouwen gaven aan in hun dagelijks leven vaak grote hinder te ondervinden van de ingezwachtelde dikke arm.

Toch wordt dikwijls lichtvoetig met deze complicatie omgegaan, stelt Lopez Penha in haar proefschrift. „Artsen richten zich, deels begrijpelijk, uitsluitend op het bestrijden van de borstkanker en vinden eigenlijk dat de patiënt ’blij moet zijn dat zij nog leeft’. Natuurlijk zijn patiënten gelukkig dat zij er nog zíjn. Maar hun werkelijkheid is óók dat de pijn in de arm en het niet goed meer kunnen gebruiken ervan, de kwaliteit van leven na borstkanker ernstig beïnvloedt. Daar zouden artsen beslist meer aandacht voor moeten hebben.”

Herinnering

Dr. Lopez Penha promoveerde donderdag op haar studie, waaraan ze vier jaar werkte. De opmerking die zij veelvuldig van vrouwen hoorde en die indruk op haar maakte, was: „Die elastische kous om mijn pijnlijk gezwollen arm doet mij elke dag opnieuw herinneren aan mijn borstkanker…” Op dit moment is de kous, naast het masseren van de arm, de enige behandeling van lymfoedeem na borstkanker. „Na enige tijd heeft ook dat helaas geen effect meer: er is dan sprake van vervetting en verlittekening van de arm. Dan kan alleen liposuctie de arm tijdelijk dun maken.”

Jaarlijks wordt in Nederland bij ongeveer 13.000 vrouwen borstkanker vastgesteld. Afhankelijk van bepaalde omstandigheden ontwikkelt zich het lymfoedeem bij 6 tot 43 procent van de patiënten, doordat het lymfesysteem door de chirurgische ingreep is aangetast.

Uit het onderzoek van Lopez Penha blijkt bovendien dat er sterke aanwijzingen zijn dat de ontregeling van de lymfe-afvoer minder vaak voorkomt na een reconstructie van de borst. „De toepassing van borstreconstructie na borstkanker kan naar verwachting bijdragen aan het voorkómen van deze complicatie”, stelt zij.

De resultaten van haar studie tonen verder aan dat nieuwe chirurgische behandelingen in de nabije toekomst het beschadigde lymfesysteem wellicht kunnen herstellen. Dat zou bijvoorbeeld kunnen met ’supra-microchirurgie’. Deze techniek zou betere aansluitingen kunnen maken van het veneuze systeem op het systeem van lymfevaten. Hiermee zou overvloedig lymfoedeem in toom te houden zijn.