Nieuws/Nieuws

De toekomst voor Nederland ligt bij ’smart’ en duurzaam

Door door Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

De economische toekomst van Nederland ligt bij smart industry, die gericht moet zijn op een groene economie. Politiek Den Haag en ons bedrijfsleven moeten vooroplopen met het gebruik van nieuwe technologie en deze als speerpunt inzetten voor een groene economische groei en nieuwe werkgelegenheid.

De oude economie is niet meer

Januari is traditioneel de maand waarin zowel nationaal als internationaal vooruit wordt geblikt naar de toekomst, aan de hand van publicaties, seminars en congressen. Het beeld wordt gekenmerkt door spectaculaire veranderingen, onzekerheid en het zoeken naar oplossingen voor problemen.

De meeste landen, waaronder Nederland, krijgen te maken met ingrijpende veranderingen op de arbeidsmarkt en de gevolgen van klimaatverandering. Europa kampt daarnaast met de vluchtelingenproblematiek die alleen via internationale onderhandelingen over het beëindigen van oorlogen en solide buitengrenzen van de Europese Unie kan worden opgelost.

Politiek zien we in veel landen onrust, mede door de opkomst van populistische partijen die nationaal gericht zijn. Uit enquêtes blijkt dat de meeste aanhangers van de oudere generatie zijn. Ook ontevreden kiezers zoeken hun heil bij deze partijen. Ze willen terug naar de oude economie, een eigen munt, een nationaal beleid en gesloten grenzen, toen naar hun idee alles beter was. Maar die oude economie is overleden.

Wereldwijd is er sprake van een onstuitbare opmars van ’economie 4.0’, met als belangrijkste kenmerken globalisering, digitalisering en nieuwe technologie. En economische machtsverschuivingen van westerse industrielanden naar opkomende economieën, zoals China en India, die op termijn de wereldeconomie zullen domineren.

Veranderingen in de economie, maar ook binnen veel bedrijven, vinden plaats door razendsnelle technologische (ict-)ontwikkelingen op allerlei terreinen. Het Internet of Things, 3D-printen, big data, robots, kunstmatige intelligentie, nanotechnologie, cloud computing, biotechnologie en drones. Ze trekken zich niets aan van grenzen en leiden er toe dat ondernemers die hun businessmodellen niet aan de wereld van ’smart’ weten aan te passen economie 4.0 niet overleven.

Het onderwijs moet overal op de schop. Van de kinderen die nu op de basisschool zitten, krijgt twee derde later een beroep dat nu nog niet bestaat. Jongeren die nu gaan studeren of met hun studie bezig zijn, komen straks op een arbeidsmarkt terecht die nieuwe kennis en vaardigheden vraagt waar in hun opleiding nog niet of onvoldoende aandacht wordt besteed.

Naast oplossingen, kansen benutten

De afgelopen jaren zijn over deze ’revolutie’ een groot aantal onderzoeken verschenen waarin de maatschappelijke en economische gevolgen in kaart worden gebracht. Maar het wachten is nog op maatschappelijk aanvaardbare oplossingen. Zowel in de politiek als in het bedrijfsleven wordt daarmee geworsteld.

Tijdens het World Economic Forum in het Zwitserse Davos is duidelijk geworden dat regeringen en bedrijven zich richten op smart industry en dat voortdurend innoveren het uitgangspunt is. Ook voor Nederland moet dit de marsroute zijn ( www.smartindustryboek.nl). Het kabinet Rutte-II heeft in samenwerking met ondernemersvereniging FME een goede aanzet gegeven voor een snelle ontwikkeling van smart business in Nederland. De belangrijkste opgave nu is dat smart ook in het midden- en kleinbedrijf daadwerkelijk bij het ondernemen centraal komt te staan. En dat geldt ook voor ons onderwijs.

Politiek Den Haag moet samen met het bedrijfsleven de wereld van economie 4.0 combineren de gevolgen van het historische klimaatakkoord dat op 12 december in Parijs is gesloten. De kern van het akkoord is dat 195 landen plus de EU samen de opwarming van de aarde gaan aanpakken. Ze zullen er alles aan doen om de opwarming beperkt te houden tot ’ruim onder de twee graden’ Celsius en streven er naar op 1,5 graad uit te komen.

Daarvoor moet er een einde komen aan de stijging van de uitstoot van broeikasgassen, in hoofdzaak CO2. Om dit te realiseren hebben de ondertekenaars van het akkoord nationale actieplannen ingediend, die zich vooral richten op de inzet van hernieuwbare energie en energiebesparingen. Deze moeten er toe leiden dat de uitstoot van broeikasgassen in de tweede helft van deze eeuw in balans moet zijn gebracht met de opname van broeikasgassen.

Voor deze balans moet de uitstoot van CO2 door fossiele brandstoffen in 2050 op nul uitkomen: er mag niet meer dan 300 à 400 gigaton koolstof worden verbrand. De reserves van grote oliebedrijven zijn veel hoger en beleggers houden daar al rekening mee.

Afscheid van het fossiele tijdperk

Feitelijk is in Parijs dan ook afscheid genomen van het fossiele tijdperk. Omdat de wereldeconomie nu voor meer dan 80% op fossiel draait, lijkt dit een onmogelijke opgave. Terug naar nul kan alleen met behulp van opzienbarende technologische doorbraken op het terrein van duurzame energie-opwekking en een wereldwijd vervoer dat draait op schone energie.

Dat is ook de kern van de zogenoemde Breakthrough Energy Coalition die door Bill Gates (Microsoft) in Parijs werd gelanceerd, die bestaat uit bekende internet-ondernemers als Mark Zuckerberg (Facebook), Jeff Bezos (Amazon), Reid Hoffman (LinkedIn) en Jack Ma (Alibaba). Met hun miljardenfonds richten ze zich op nieuwe technologieën en duurzame energie.

Deze ondernemers, maar ook klimaatwetenschappers, gaan ervan uit dat de beste methode om opwarming van de aarde te beperken de inzet van nieuwe technologie is, waardoor versneld een einde komt aan het fossiele tijdperk. Daarbij gaat het om zogenoemde doorbraaktechnologie waardoor productieprocessen energie-armer worden en de zon in de vorm van fusie-energie de energiehuishouding van de wereld regelt.

Dat de zon de energiebron van toekomst is, staat nu al vast. Na de klimaattop in Parijs zagen we in de VS, maar ook in verschillende Europese landen, een toename van start-ups die zich concentreren op innovatieve technologie die moet leiden tot rendementsverbeteringen bij hernieuwbare energie en energiebesparingen.

De komende decennia worden er wereldwijd vele honderden miljarden geïnvesteerd in (technologische) oplossingen waarmee de doelstellingen van Parijs gerealiseerd moeten worden. Voor Nederland ligt hier een unieke kans voor extra groei en werkgelegenheid. Dat kan door snel op deze ontwikkeling in te spelen: het moet een speerpunt worden binnen smart industry, onderzoek en onderwijs en het bevorderen van start-ups.

Daarvoor is wel veel meer urgentie en daadkracht nodig dan nu het geval is en moeten milieu en klimaat voorop staan en de lobby voor fossiel genegeerd. Daarom moet in het Energieakkoord en het vorige week verschenen Energierapport van het kabinet de energietransitie naar duurzaam worden versneld.