450087
Buitenland

IJzige kou in de lucht tussen Londen en Moskou

MOSKOU - De toch al zeer gespannen verhouding tussen Londen en Moskou vanwege onder meer de annexatie van de Krim en de tegen Rusland ingestelde sancties, dreigt verder op te lopen, nu de Britten rechtstreeks met de vinger wijzen naar Vladimir Poetin als mogelijk direct betrokkene bij moord.

Volgens de Britse rechter Robert Owen, die aan het hoofd staat van het onderzoek naar de moord op de voormalige KGB agent Alexander Litvinenko in november 2006, heeft Poetin waarschijnlijk persoonlijk het groene licht gegeven voor de geruchtmakende gifmoord, die werd uitgevoerd met het radioactieve polonium-210.

Het slachtoffer zelf – destijds 42 jaar oud- had Poetin al op zijn sterfbed ervan beschuldigd opdracht tot de moord te hebben gegeven.

Na het nog altijd onopgehelderde dossier van de ramp met de MH17, waarin eveneens naar het Kremlin wordt gewezen, neemt de internationale druk op Poetin ( die op dit moment kampt met een ineenstortende roebel) verder toe.

Eerder wees de Britse rechter al de twee verdachten aan van de moord op Litvinenko, Andrej Loegovoi en Dmitiri Kovtoen die Rusland weigert uit te leveren. Iets dat Moskou ( zouden er verdachten zijn in de MH-17 zaak) evenmin zal doen. De eveneens ex-KGB’er Loegovoi zit op dit moment in de Doema ( het Russische lagerhuis ) voor de LDPR-partij van het ultranationalistische ongeleide projectiel Vladimir Zjirinovski. In die hoedanigheid bezit hij immuniteit voor rechtsvervolging.

’Ronduit absurd’

De verdachte Rus noemde de beschuldiging onmiddellijk na het verschijnen van het rapport. “Ronduit absurd.” Persbureau RIA-Noviosti liet vanochtend een ongenoemde bron aan het woord die verklaarde dat Rusland een vonnis van de Britse rechter nooit zou accepteren, “omdat de presumptie van onschuld door Londen is geschonden.”

De weduwe van het slachtoffer, Marina Litvinenko, verwelkomde de conclusies van het rapport en riep op tot verdere sancties tegen Rusland. De ex-spion Litvinenko, die in 2000 naar Londen was gevlucht, wijdde de laatste jaren van zijn leven aan het schrijven van uiterst kritische boeken over het bewind van Poetin en werkte voorts als adviseur voor de Britse geheime dienst MI6. Door Poetin en zijn intimi werd hij beschouwd als een overloper en een verrader.