Nieuws/Binnenland

Dascha was niet onder invloed van drugs

UTRECHT - De zestienjarige Dascha Graafsma was op het moment van haar dood in november niet onder invloed van drugs. Dat is gebleken uit toxicologisch onderzoek door het Nederlands Forensisch Instituut.

Wel is vastgesteld dat ze onder invloed was van alcohol. Het Openbaar Ministerie ziet op basis van het NFI-onderzoek en eerder politieonderzoek geen aanwijzingen voor een misdrijf.

Uit eerder onderzoek op verzoek van de familie werd al bekend dat in het bloed van het meisje alcohol was gevonden. Ook waren er aanwijzingen voor de aanwezigheid van meerdere stoffen, die duiden op drugs. Dat was een eerste onderzoek uitgevoerd door een laboratorium in Duitsland. Daarin werd alleen de aanwezigheid van een stof in het lichaam onderzocht, maar niet de hoeveelheid.

"Er zijn geen aanwijzingen voor een misdrijf, maar wel steeds meer aanwijzingen dat Dascha uit vrije wil naar het spoor is gelopen en daar de trein op zich af heeft laten komen. Vanmiddag hebben we in gesprek met het NFI, de politie en de vader en moeder van Dascha het hele onderzoek nog eens nagelopen en daar zijn we tot de conclusie gekomen dat Dascha een weg volgde die ze zelf heeft gekozen", zegt Peter R. De Vries namens de familie tegen RTV Noord-Holland.

 

GHB

Volgens het NFI was de stof GHB (gebruikt als partydrug) wel in het lichaam aanwezig maar niet in een hoeveelheid die erop wijst dat het is ingenomen of toegediend. GHB is ook een lichaamseigen stof. Na het overlijden wordt in het lichaam GHB gevormd.

Het meisje uit Hollandsche Rading werd eind november aangereden door een trein, nadat ze enkele uren vermist was na een avondje stappen met vriendinnen. Haar familie bleef met veel vragen achter. Uit het onderzoek door de politie is gebleken dat Dascha de Hilversumse gelegenheid Lets get Down om 02.00 uur 's nachts zonder jas heeft verlaten na onenigheid met vriendinnen. Toen ze niet terugkwam, werd ze als vermist opgegeven waarna familie, vrienden en politie gingen zoeken. Om 5.20 uur werd het meisje op het spoor bij station Hilversum Sportpark aangereden door een trein.

De politie en het Openbaar Ministerie gingen uit van zelfdoding maar verrichtten toch onderzoek naar het telefoonverkeer van het meisje. Ook werd haar route zo goed mogelijk gereconstrueerd.