46805
Binnenland

Leerlooiers werken zich dood voor Nederlandse schoenen

Leer doet Bengali’s de das om

Eén van de meest vergiftigde plekken ter wereld gaat eindelijk op de schop. Eigenaren van leerlooierijen in Hazaribagh in Bangladesh maken er echter geen haastklus van. Uit hun zwaar vervuilende fabrieken in de overbevolkte woonwijk komt ook het leer voor miljoenen Nederlandse schoenen.

De leerindustrie in de wijk Hazaribagh geeft aan veel mensen werk, maar is zo ongezond, dat de meesten een andere baan zouden kiezen als ze de keus hadden.

De leerindustrie in de wijk Hazaribagh geeft aan veel mensen werk, maar is zo ongezond, dat de meesten een andere baan zouden kiezen als ze de keus hadden.

De leerindustrie in de wijk Hazaribagh geeft aan veel mensen werk, maar is zo ongezond, dat de meesten een andere baan zouden kiezen als ze de keus hadden.

De leerindustrie in de wijk Hazaribagh geeft aan veel mensen werk, maar is zo ongezond, dat de meesten een andere baan zouden kiezen als ze de keus hadden.

De aangetaste handen en armen van de 45-jarige Mohammed Habib zeggen genoeg: het werk dat de leerlooier in de drukke volkswijk Hazaribagh in de Bengaalse hoofdstad Dhaka doet, is een aanslag op zijn gezondheid.

En de industrie waarin hij werkt, is een ramp voor de ruim 200.000 direct omwonenden van de overbevolkte wijk. „We zouden niets liever willen dan verhuizen”, vertelt Mohammed staand met zijn blote voeten in een plas met chemicaliën. „Het is hier gewoon te vervuild om te leven.”

Het duurt niet langer dan één keer inademen om te beseffen dat het inderdaad niet pluis is in Hazaribagh. Het is een penetrante ammoniakachtige geur die de inwoners van dit levendige stadsdeel 24 uur per dag inademen. Manshoge stapels koeienhuid worden op houten karretjes voortgetrokken door de smalle steegjes van het district waar ruim 150 leerlooiers huizen.

De helblauwe, soms zwarte of felgroene kleuren van het water in de geulen die het toxische afval vanuit de fabrieken zonder enige bescherming door de wijk vervoeren, verraden ook al niet veel goeds. Zonder enige filtering wordt het water even verderop zo gedumpt in de Buriganga-rivier, een aftakking van de Ganges.

Volgens het Amerikaanse Blacksmith Institute is de wijk de op vier na meest vergiftigde plek ter wereld. Groot verschil met veel andere vervuilde plekken in de top tien van het instituut is dat Hazaribagh overbevolkt is en dat er dus direct gigantische gezondheidsgevolgen zijn voor talloze omwonenden.

Het leer dat wordt behandeld in deze meestal ongereguleerde fabrieken, komt ook in Nederland terecht, zo vertelt handelaar Shamil (zijn achternaam wil hij niet vertellen) staand in het flauwe licht van slechts één doffe tl-lamp die de enige lichtbron is voor een hele fabriekshal.

„Het leer gaat eerst illegaal over de grens naar India of China. Van daaruit gaan ze vervolgens gewoon naar Europa”, zegt Shamil die werkt in een middelgrote fabriek in Hazaribagh.

Een Nederlandse leerconsulent die regelmatig in Bangladesh komt, bevestigt dat leer vanuit Hazaribagh in Nederland terechtkomt. „Meestal is het leer al verwerkt in schoenen of tassen eer het Nederland bereikt. Jaarlijks komen miljoenen schoenen uit Bangladesh in Nederland terecht. Veruit het meeste leer in die schoenen komt uit Hazaribagh”, aldus de consulent.

Eigenlijk is het niet meer verantwoord om leer te gebruiken dat uit een plek komt waar de milieueisen zo met voeten worden getreden als in Dhaka, vindt hij. „Maar aangezien honderdduizenden Bengalen afhankelijk zijn van deze industrie, is zomaar boycotten geen optie. Er zou een Europese wetgeving moeten komen om de traceerbaarheid van het leer te verhogen.”

Al meer dan twintig jaar zijn de looierijen in het drukke Hazaribagh een doorn in het oog van de Bengaalse overheid. Een verhuizing van de leerindustrie naar Savar, een gebied aan de rand van Dhaka waar de fabrieken gratis grond kregen, is de oplossing die de overheid al lang geleden verzon. Talloze deadlines voor de opgelegde verhuizing naar het nieuwe fabrieksterrein later, zijn de meeste fabrieken echter nog steeds niet verhuisd.

Ook de laatste opgelegde deadline van 30 december zorgt volgens mensenrechtenadvocaat Rizwana Hasan niet voor voldoende versnelling van het proces. Met haar organisatie BELA strijdt ze al jaren tegen de massavervuiling in Hazaribagh.

„Elke keer verzinnen de fabrieken wel een reden om niet weg te gaan uit Hazaribagh. Nu is het argument weer dat er in Savar geen woonfaciliteiten zouden zijn voor de werknemers. Iets wat iedereen twaalf jaar geleden al wist, toen de verhuizing naar Savar werd verzonnen”, vertelt Hasan.

Op het beoogde modderige fabrieksterrein aan de rand van Dhaka zijn ondertussen meer dan tien fabrieken mondjesmaat met productie gestart. Een verharde weg is echter nog niet aangelegd. En voor de mannen die er lange dagen werken op ongeveer drie uur rijden van hun vorige woon- en werkplek zit er door gebrek aan huisvesting niets anders op dan te slapen in de nieuwe fabriekshallen.

Een Chinees bedrijf bouwt er een waterzuiveringsinstallatie die moet voorkomen dat er in Savar exact dezelfde milieuramp ontstaat als in Hazaribagh. Het nieuwe terrein biedt enorme potentie, meent de Nederlandse consulent, al is hij bang dat de looierijen hier gewoon op oude voet verder gaan. Ook Hasan vreest voor een herhaling van zetten. „We hebben al met getuigen gesproken die zagen dat ongezuiverd afvalwater in de rivier werd gedumpt.”

Ook visser Mohammed Mainuddin Mia (50) zegt dat te hebben gezien. Hij dobbert op zijn zelfgemaakte bootje voor de oever van de Dhaleshwari-rivier, op de plek waar straks alle looierijen naartoe verhuisd moeten zijn.

Door toedoen van de enorme textielindustrie even verder stroomopwaarts is de vispopulatie al enorm afgenomen, zo vertelt hij. „Ik ben bang dat er met alle nieuwe fabrieken hier straks geen enkele vis over zal zijn.”