Nieuws
472601
Nieuws

Alles waar je als gestreste vakantieganger behoefte aan hebt

Jamaica: Yah man!!!

Zelf val ik meestal spontaan in slaap bij het horen van reggaemuziek, dus het zijn vooral de parelwitte stranden, tropische temperaturen en ijskoude rumcocktails die me naar Jamaica lokken. Het eiland biedt eigenlijk alles waar je als gestreste vakantieganger behoefte aan hebt.

Aan boord van het vliegtuig begin het al. Tientallen nerveuze reizigers die hun zware tassen het liefst zo snel mogelijk in een bagagebak willen duwen om daarna met een tijdschriftje in hun stoel te klimmen, worden hopeloos in de weg gezeten. Twee keuvelende rastafari's met identieke zonnebrillen en lange, bijeengebonden dreadlocks veroorzaken een vrolijke blokkade in het gangpad van de Arkefly Dreamliner. Alsof onze bestemming aan de andere kant van de oceaan alvast een boodschap wil afgeven: Relax Man!

Net als Amsterdam staat Jamaica wereldwijd bekend om de geestverruimende middelen die je er op elke hoek van de straat kunt kopen. In de weken voor vertrek wijzen diverse kennissen en vrienden mij lachend op de reputatie van het vakantieland: behalve lome reggaebeats en witte stranden, wachten mij er verraderlijke cocktails en dikke joints. Nou werd ik als student al groen na één trekje van een klungelig gerold stickie, dus die Caribische folklore wil ik graag aan mij voorbij laten gaan.

 

 

Controle

Hoewel het eiland vaak gezien wordt als een softdrugparadijs, is het voor Jamaicanen zelf pas sinds kort toegestaan om marihuana - in beperkte mate - te gebruiken. Echt streng lijkt de controle niet. Zowel kant-en-klare joints als zelf geoogste bosjes 'Ganja', zoals de marihuana daar heet, worden openlijk aangeboden en geconsumeerd door traag voortbewegende rastafari's.

Mijn Belgische metgezel, die zich gaande de reis ontpopt als een heuse 'wietoloog', besluit tot een diepgaand onderzoek naar de kwaliteit van het spul. Naarmate de week vordert, gaan onze gesprekken steeds vaker over het lichtgevend groene verendek van de lokale kolibries, de geur van de blaadjes van de pimentboom (,,Amaai, nu ruik ik plots ook kruidnagelen!"), de geschatte lengte van uitgeplozen rastahaar, het wonderlijke verschijnsel van de rastaman zelf én diens vermeende aantrekkingskracht op het andere geslacht.

Jammie, sunny Jamaica

Opvallend vaak zien we de sjofel geklede rasta's omringd door sportieve blanke vrouwen. Onderweg in het vliegtuig ontmoetten we zelfs een blozende Nederlandse onderwijzeres die na één vluchtige ontmoeting met rastaman Michael, besloot om een ticket te boeken en naar zijn strandhuisje op Jamaica af te reizen. ,,Het is gewoon een mooie man, in alle opzichten", verklaart ze stralend.

Fraaie lichamen

Zo nonchalant mogelijk informeer ik bij onze Jamaicaanse gids Symerna wat volgens haar het geheim van de voor dames blijkbaar onweerstaanbare rastaman is. Ze moet er smakelijk om lachen. ,,De rasta's op Jamaica zijn doodnormale mannen, maar ze hebben wel hun marketing goed op orde. Uit de hele wereld komen vrouwen op ze af", schatert ze. ,,Het is hun relaxte levensopvatting, in combinatie met de tropische omgeving en hun vaak fraaie lichamen die de aandacht trekken."

 

 

Nieuwsgierig gemaakt, bezoeken we een rastafaritentoonstelling van het Nationaal Museum in Montego Bay. In deze voormalige rechtbank, waar onwillige slaven van de suikerrietplantages zo'n tweehonderd jaar geleden vrijwel wekelijks tot zweepslagen of de strop werden veroordeeld, wordt volop aandacht besteed aan rastamessias Haile Selassie. De voormalige Ethiopische keizer, die in 1966 op Jamaica door een uitzinnige menigte van rasta's werd ontvangen, wordt door de groen-geel-rood uitgedoste aanhangers gezien als een afstammeling van Jezus. Hier worden we niet veel wijzer van.

Bob Marley

De rastaway of life werd jarenlang uitgedragen door de allerbekendste Jamaicaan: Bob Marley, met nummers als 'Get up, Stand up' en 'Redemption Song'. We nemen een kijkje in zijn voormalige woonhuis, een paar kilometer naast de sloppenbuurt Trenchtown in hoofdstad Kingston, waar Bob als tiener eind jaren vijftig samen met zijn moeder belandde.

Het ommuurde huis van 'The King of Reggae', voorzien van een geluidsstudio in de woonkamer, is inmiddels omgebouwd tot een museum waar met diep respect wordt gesproken over de zanger. Alles in en rond het huis is nog in originele staat, beweert de gids, die om de tien minuten een andere reggaesong inzet, zichzelf begeleidend door met zijn handen op zijn borstkas te trommelen. Tijdens de uren durende rondleiding krijgen we het voortuintje ('hier voetbalde Bob dagelijks met de buurtkinderen') te zien, de keuken, zijn slaapkamer ('kijk, de kussens op het bed liggen nog precies zoals toen hij hier sliep') en de achterkamer waar The King veertig jaar geleden bijna werd doodgeschoten bij een vage moordaanslag.

Blue Mountains

Van Kingston naar de noordkust betekent een urenlange rit door het nationale park 'Blue Mountains' (door UNESCO uitgeroepen tot Werelderfgoed), waar enkele beroemde koffieplantages te vinden zijn. Ons doel ligt iets verderop, drijvend in de Rio Grande. In de vorige eeuw werden hier bananentrossen op vlotten geladen, om ze langs stroomversnellingen naar de kust te vervoeren en over te laden in stoomschepen die de gele vruchten naar Europa brachten. Sinds vrachtwagens het transport van de vlotten hebben overgenomen, kunnen toeristen diezelfde route nu per bananenvlot afleggen. Onze kapitein, die het vlot zelf bouwde van meterslange bamboestammen en stukjes ijzerdraad, knutselde er een comfortabel bankje op, waardoor de vaartocht langs kabbelende stroomversnellingen buitengewoon aangenaam verloopt. Halverwege de vlottentocht stoppen we bij een desolaat kiezelstrandje waar de lokale kokkin Belinda een openluchtrestaurant runt. Haar gestoofde geit is een aanrader, maar pas wel op voor de geitenbotjes die heel traditioneel meegekookt worden.

 

 

Een belangrijk deel van onze mede-eilandbezoekers komt per drijvend flatgebouw aan op Jamaica. Zodra de immense cruiseschepen hun loopplank op het witte strand laten neerzakken, wordt vooral de noordkust overspoeld met schommelende Amerikaanse toeristen, die om de vijf stappen 'Yah Man!' roepen.

Dunn's waterval

We merken het aan den lijve bij Dunn's waterval. De beklimming van de witte rotsen in het langs de kusthelling kolkende riviertje, geldt er als een topattractie. Het immense parkeerterrein naast de waterval doet dat al vermoeden. Ik besluit de Dunn's waterschoentjes, de Dunn's petjes en de Dunn's zwembroeken te laten voor wat ze zijn en stap vrolijk door naar het startpunt van onze klimtocht. Dat blijkt een vergissing. Eerst dienen wij voorbereid te worden op ons avontuur door een Dunn's gids, die ons leert op commando 'Yah Man!' te schreeuwen. Daarbij is het de bedoeling om elkaars handen in de lucht te raken als een 'highfive' of de vuisten tegen elkaar te duwen als in een 'boks'. Verwonderd kijk ik naar de Amerikaanse toeristen die hieraan stuk voor stuk enthousiast deelnemen.

Nog verbaasder ben ik als ik mezelf even later schuchter 'Yah Man!' hoor roepen en een boks maak met de vlezige knokkels van een 140 kilo wegende Texaan. Dan is het nog maar een kleine stap naar het hand in hand (,,make a human chain, and smile! Yah Man!") als een menselijke slinger met mijn nieuwe vrienden uit Texas de waterval opklimmen. Samen met ruim 300 andere cruiseavonturiers bereiken we een half uur later uitgelaten en volkomen doorweekt het eindpunt van de glibberige tocht. Volgens gids Symerna, die ons bovenlangs de rivierbedding opwacht, is het aan te raden om Dunn's vroeg in de ochtend te beklimmen, vóór het arriveren van de cruiseboten.

Nog duizelig van de slingerende rit langs de grillige noordkust, gaan we inkopen doen voor het avondeten op de drukke markt van Port Antonio. Hier zijn we, enkele uren rijden van het toeristische Montego Bay, de enige buitenlanders.

 

 

Dodelijke vrucht

Stella, de kok die bij ons appartement in het kleinschalige hotel Goblin Hill de maaltijden gaat verzorgen, winkelt met ons mee. Ze koopt er diverse verschillende soorten mango's (van kleine ronde groene tot enorme geelrode exemplaren) en pakt bij het laatste kraampje een grote zak met iets dat er uitziet als bleekwitte lamshersentjes met uitstekende glimmende bruine pitten. Het blijkt een kilootje akee's, de nationale vrucht van Jamaica. ,,De vrucht is onrijp zó giftig, dat je er aan kunt overlijden. Deze pitten zijn nu ook nog giftig", vertelt Stella breed lachend terwijl ze het zakje aan haar lange vingers voor onze ogen heen en weer slingert. ,,Ik ga ze kort koken en dan mengen met wat geweekte zoute vis en knoflook. Dat wordt morgenochtend jullie breakfast." Het idee alleen al maakt me licht onpasselijk, maar ik knik haar uit beleefdheid enthousiast toe.

Na het bijzondere ontbijt (,,please take some more, you look hungry!") rijden we naar de 'Blue Lagoon', een nabijgelegen diepblauwe lagune die uitsluitend te bereiken is via een glibberig paadje door de benauwde jungle. Het blijkt een paradijselijk plekje, half verscholen onder overhangende woudreuzen, waar ijskoud opborrelend bronwater zich vermengt met de lauwwarme zee. Hoewel de naam oproept tot naakt poedelen zoals in de gelijknamige film, houden we onze zwembroeken toch maar aan tijdens een verfrissende duik.

 

 

Even later stappen we in de visserssloep van de lokale boks-held Nathaniel Williams, die ons stuiterend op de golven langs de meest schitterende baaien voert. Nathaniel is kort van stof, maar wijst ons vol trots met zijn hulk-armen op de voorbijschuivende witte stranden van Frenchman's Cove en Winnifred's Beach, die wel speciaal ontworpen lijken voor het verpozen van pas getrouwde stelletjes. Voorzichtig stuurt onze bootsman zijn sloep door de branding het strand op. Een jong Canadees koppel, hun neuzen licht verbrand, stapt aan boord om door Nathaniel teruggebracht te worden naar het hotel. Hun huwelijksreis is voorbij. En onze bijzondere reis ook...

Reiswijzer

We vlogen met Arkefly in hun Dreamliner (elke vrijdag vanaf Schiphol) naar Montego Bay, met een tussenstop op Punta Cana in de naastgelegen Dominicaanse Republiek. Algemene informatie over Jamaica: www.ontdekjamaica.nl ; www.visitjamaica.com en Facebook.com/Ontdekjamaica

Kolibries aan de fles

Jamaica kent enkele honderden tropische vogelsoorten, maar de felgekleurde kolibries zijn verreweg mijn favoriet. Op het hele eiland kom je ze tegen: zenuwachtig rondzoemende vogels met de omvang van een zwangere hommel.

De nationale vogel van het eiland is de roodgebekte zwaluwstaart kolibrie, door Jamaicanen 'Doctor Bird' genoemd. Het mannetje van deze adembenemende vogelsoort heeft een lange zwiepende staart, waarmee hij tijdens luchtgevechten met andere minivogels spectaculaire acrobatische capriolen uithaalt.

Helaas bewegen de kolibries razendsnel, waardoor ze meestal alweer uit zicht zijn verdwenen op het moment dat ik ze ontdek. In Rocklands Bird Sanctuary, op een half uur afstand van Montego Bay in het oerwoud, worden de vogeltjes al jarenlang gevoederd met fruit en suikerwater, zodat we ze daar rustig kunnen bewonderen en zelfs op onze vingers kunnen laten landen. Daar is overigens wel geduld voor nodig, aangezien kolibries een vrij achterdochtige instelling blijken te hebben. Als na een kwartier een voorbij flitsende Doctor Bird plotseling een haakse bocht maakt en z'n pootjes voorzichtig rond m'n wijsvinger vouwt, borrelt de extase in mij naar boven. Hoe heeft dit minuscule wonder van de natuur dat hier nu op mijn vinger balanceert ooit uit een eitje kunnen kruipen? Op m'n tong bijtend om niet te gaan juichen van opwinding, laat ik hem met z'n snavel ter grootte van een speld het zoete water uit m'n flesje drinken.

Jerk eet je met veel drank

Langs de weg kun je op Jamaica je buik helemaal rond eten. Op letterlijk iedere hoek van de straat vind je fruitkraampjes waar de lokale bevolking voor een habbekrats de meest exotische vruchten uitgestald heeft, die ze meestal zelf in het oerwoud hebben geplukt. Naast diverse soorten mango's, zoete bananen en sappige ananas vind je er ook het indrukwekkende broodfruit (eerst bakken of koken in kokosmelk). Voor wie meer behoefte heeft aan een typisch lokale, stevige hap, vindt overal op straat barbecues, waar in dikke rookwolken het lokale 'jerk chicken' of 'jerk pork' wordt bereid. Het kippen- en varkensvlees wordt eerst met zeer pittige pimento-en-pepermarinade ingewreven en dan zwartgeblakerd op gloeiende houtskool. Het oorspronkelijke recept is afkomstig van gevluchte slaven (marrons) die zo hun gedroogde vlees in de bergen bereidden. Tip: bestel bij het eten van jerk grote hoeveelheden water of Red Stripe bier, aangezien de bluswerkzaamheden lang nodig blijven.

Websites

Kolibries kijken: www.rocklandsbirdsanctuary.info

Hotel Goblin Hill: www.goblinhill.com

Tensing Pen Resort: www.tensingpen.com

Coyaba Resort: www.coyabaresortjamaica.com