Nieuws/Binnenland

’Het enige wat we aten, was ijs’

AP

ROME - De lawine die het hotel Rigopiano in het Gran Sasso-gebergte in Italië plat sloeg had een kracht die vergelijkbaar was met die van 4000 stampvolle vrachtwagens. Dat verklaarde een expert van de meteorologie van het gebergte.

AP

Van onze correspondent

„De lawine had een massa van 20 ton per vierkante meter, een front van 500 meter, een diepte van bijna drie meter met een snelheid van bijna honderd kilometer per uur”, aldus Valerio Segor.

Toch wisten tot nu toe elf mensen de ramp te overleven, onder wie alle vier de kinderen die op het moment dat de lawine het hotel trof binnen waren. Er zijn tot nu toe zes dode lichamen gevonden. Het aantal vermisten is nog 24. De brandweer hoopt meer mensen te kunnen redden.

Ondertussen vertelden overlevenden wat ze hadden doorgemaakt. „Ik verloor helemaal de tijdsdimensie. Ik voelde me alsof ik was opgesloten in een doos. Door de adrenaline hadden we geen honger. Het enige wat we aten was het ijs om ons heen. Daardoor konden we veel drinken. Dat heeft ons gered”, aldus de studente Giorgia die samen met haar vriend Vincenzo de ramp overleefde.

Ze werden na bijna 58 uur pas gered. „We waren helemaal afgezonderd van de wereld. We hoorden helemaal niets. Onze stemmen weergalmden. Vincenzo zei me dat het door de sneeuw kwam.” Na de lawine waren ze ongeveer tien meter verschoven.

„We waren samen met anderen. Het was pikkedonker. Met onze mobiele telefoons probeerden we samen licht te maken. De kinderen gedroegen zich geweldig, ze hebben nooit gehuild.” Na lange tijd hoorden ze eindelijk kort een mechanisch geluid en daarna stemmen van de reddingswerkers.

„Ze hebben ons uitgelegd hoe ze ons eruit zouden helpen en hebben ons geen moment in de steek gelaten. Ze zijn ongelofelijk goed bezig geweest”, aldus Giorgia.