Nieuws

Meer oproepkrachten aan de slag

DEN HAAG - Het aantal banen van oproepkrachten is tussen 2010 en 2014 met een derde gestegen tot 537.000. Bij dergelijke banen wordt geen vaste arbeidsduur overeengekomen met de werkgever, aldus het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) donderdag.

Ook het aantal banen via uitzendbureaus nam in deze periode toe, maar de stijging was met 6 procent veel geringer. Het totaal aantal banen van werknemers daalde in dezelfde periode met 2 procent. Er wordt vooral meer op oproepbasis gewerkt in de handel, horeca en zorg.

Ruim een derde van de 537.000 oproepbanen betreft een baan in de handel, zoals vakkenvuller of winkelmedewerker. Een op de zes banen als oproepkracht was een baan in de zorg en een vrijwel even groot aantal een baan in de horeca. In de horeca was bijna een kwart van de werknemersbanen op oproepbasis, aldus het statistiekbureau, en in de landbouw bijna een op de vijf.

Het percentage werknemersbanen op oproepbasis in de totale economie steeg van 2010 tot en met 2014 van 5,1 naar 7,0 procent.

Vakbond CNV vindt de groei van oproepkrachtbanen een slechte ontwikkeling. "Het lijkt erop dat ondernemers steeds meer risico's en kosten afwentelen op werknemers, door zoveel gebruik te maken van deze flexvorm", zegt CNV-voorzitter Maurice Limmen.

Werkgevers zouden oproepkrachten alleen moeten inzetten bij bijvoorbeeld pieken in werk of ter vervanging bij ziekte. "In alle andere gevallen is er sprake van structureel werk en is een flexcontract zoals het oproepcontract helemaal niet nodig", aldus Limmen.