Nieuws

Open brief aan Milan

Nederlandse moeders meest relaxte moeders van de wereld? Ha, je moest eens weten!

En daar stond ik dan. Een baby onder de arm geklemd, een dreinende kleuter die zeurde over vermoeide voetjes. Te staren in de immense leegte. Nou ja, naar een leeg fietsenrek dan. Met van die zweetklotsende oksels, want het was nog warm ook. 'Hou nou eens twee seconden je bek', snauwde ik met weinig pedagogisch inzicht tegen Dochter en 'hou je broertje  even vast',  terwijl ik haar de baby in zijn armen duwde. 'Hij stinkt', zei ze. Ook dat nog… een poepluier.

Ik was echt maar een half uur weggeweest. Met Dochter naar de logopediste. Ze kon het woord computer niet uitspreken en dat had een heleboel heisa opgeleverd met de kleuterjuf waardoor ik nu  noodgedwongen wekelijks in een wachtkamer zat en kilo's dropveters per week moest kopen zodat ze de fijne motoriek van haar mond kon oefenen. Alsof ik niks beters te doen had. En de oppas was ziek, dus de baby moest mee.

Gedoe, gedoe. Wandelwagentje in het speciale rekje aan mijn fiets, eerst het ene kind in het stoeltje hijsen, dan de fiets in evenwicht proberen te houden om baby in het andere te krijgen die prompt een keel opzette omdat het eigenlijk tijd voor zijn middagdutje was. Bloedheet en wind tegen, een half uur lang in dezelfde tijdschriften bladeren als vorige week met een slapende baby op schoot. En dan kom je buiten, is je fiets weg… Met stoeltjes en wandelwagen, want die was ik even vergeten uit het rekje te halen.

Nederlandse moeders zijn de meest ontspannen moeders van de wereld las ik deze week in The Washington Post. Ha! Geintje zeker. De schrijfster van het artikel, Milan, woont inmiddels drie jaar in Nederland, zo meldt ze, en overal om zich heen ziet ze langbenige blondines die met het grootste gemak een bakfiets vol kinderen door de goegemeente laveren en daarbij ook nog vrolijk lachen. Misschien is dat het: ik heb korte benen en donkere krullen. Want om nou te zeggen dat ik mezelf de meest ontspannen moeder ter wereld voel…

Ik scroll door de lijst met redenen die maken dat zij wel vindt dat ik dat ben. Ze heeft nog nooit een Nederlandse mama tegen haar kind horen schreeuwen, zegt ze. En als onze kinderen een driftbui krijgen in de supermarkt, gaan wij rustig door met boodschappen doen. Wauw, deze mevrouw woont echt niet bij mij in de buurt. Ik heb wat terug staan krijsen tegen een kind dat een keel opzette tussen de blikken tomatenpuree.

En dan bieden we ook nog eens niet tegen elkaar op. 'De Nederlanders hebben een aversie van gordijnen, maar houden zich helemaal niet bezig met of de buren meer bezitten dan zij zelf. Dat gaat ook op voor verjaardagsfeestjes. Die worden met een klein groepje gevierd en hoeven niet groot, groter, grootst te zijn.'

Ik vraag me af of haar kinderen al op school zitten en of ze al geconfronteerd is met de verjaardagskrokodil van een kunstig bewerkte komkommer met daarop een ingewikkelde constructie van in sojamelk gedrenkte tofu-visjes, de traktatie van de crea-bea moeder die daarmee de toon zet van wat wij als werkende moeders in de loop van het jaar ook in elkaar moeten knutselen. Maar dan beter. En gezonder.

Het verhaal gaat verder. Wij, Nederlandse moeders, voelen ons niet verantwoordelijk voor het falen of slagen van onze kinderen. We slaan onszelf niet op de borst als ons kind louter tienen haalt en voelen ons niet schuldig als Joost of Janneke ergens wat minder succesvol in is. Ach mevrouw toch, u weet toch wel van al die bijspijkercursussen om Janneke op het gym te krijgen?

En van die angstige groep 8 juffen die aan de vooravond van de ouderavond niet in slaap kunnen komen omdat ze weten dat ze morgen wéér de oren worden gewassen door de ouders van Colette en Arend-Jan omdat de cijfers van de CITO-toets tegenvielen, van de heftig orerende vaders aan de rand van het voetbalveld omdat kleine Diederik niet scoorde? En van de smoezen die ze vervolgens tegen elkaar ophangen: 'Nee, onze Claire is dus eigenlijk hoogbegaafd hè, maar het komt er niet uit. De lesstof is niet uitdagend genoeg. Ja, de fout van de school hè. En Frederik die kampt gewoon met adhd, pddnos, aohs, trvw (verzin er gerust een afkorting bij), concentratieproblemen. Zo sneu, voor zo'n slim kind...'

Er volgt een warm pleidooi voor parttime werken. 70% van de Nederlandse moeders werkt in deeltijd, zegt ze. En daardoor hebben we dus tijd genoeg om naast de broodnodige zelfontplooiing, ook nog eens met de kinderen te spelen en koffie te drinken met de vriendinnen. Ik lees het meet een half oog; de was moet uit de machine, er vliegen vlokken hondenharen om mijn oren en de stofzuiger is kapot. En wat eten we vanavond. Want ik heb dan misschien meer vrije tijd als de gemiddelde Amerikaanse en Australische moeder, ik heb in tegenstelling tot de meeste van hen géén hulp in de huishouding, geen poetsmevrouw en wij Nederlandse moeders doen ook niet echt aan magnetronmaaltijden.

Het komt allemaal, besluit de schrijfster, doordat wij gewoon niet van die emotionele types zijn. Dat zit er gewoon niet in. De Nederlandse mama is niet zo van de hartstochtelijke.  Onderkoelde langbenige blondines die nooit hun stem verheffen, dat zijn wij.

Ik stort me luid gillend ter aarde om eens even flink met mijn vuisten op de grond te trommelen. Zo, dat is eruit. En dan ga ik nu heel relaxt blonderingscrème kopen.