Nieuws/Binnenland

Kamer kritisch over kleine missies

DEN HAAG - Defensie moet zich afvragen of het nog wel door wil met al die kleine militaire missies. Dat vindt een meerderheid van de Tweede Kamer, die woensdag praat over de kleine missies.

Momenteel voert Defensie twintig missies uit in veertien landen. Behalve de uitzendingen naar Mali (450 man), Irak (310) en Afghanistan (100) is er een mozaïek aan kleine missies, van twaalf marechaussees in Zuid-Soedan, drie militairen in Bosnië tot twee man op de Golan-hoogvlakte.

Met de kleine missies wil het kabinet invloed te kopen en betrokkenheid te laten zien. „Kleine missie trekken echter een zware wissel op de toch schaarse missiecapaciteit", zegt VVD-Kamerlid Ten Broeke. „Voor elke uitgezonden stafofficier is ondersteuning vanuit het ministerie nodig. Ik vind dat we nog eens scherp moeten kijken of er niet te veel kleine missies zijn. Het moet immers uit de lengte of uit de breedte komen."

Kamerlid Hachchi van D66 wijst erop dat elke missie, hoe klein ook, inlichtingencapaciteit kost. „Die is sowieso al schaars." Ze wijst erop dat de Kamer een jaar geleden Hennis al heeft duidelijk te maken op grond waarvan ze kiest om ergens een paar militairen naartoe te sturen. „Die motivering is er nog steeds niet." Ze wil dat een brief hierover voor de bespreking van de defensiebegroting van volgende week naar de Kamer komt.

„We kunnen niet overal zijn", constateert CDA-Kamerlid Knops. De PVV wil dat Defensie hoe dan ook stopt met alle kleine missies.

Bekijk meer van