Nieuws/Binnenland
483847
Binnenland

Van Dam: ambitieuze ingenieur-politicus op EZ

DEN HAAG - Hij leerde voor ingenieur en werd aangenomen bij Philips. Maar eigenlijk heeft Martijn van Dam (PvdA) zijn hele werkende leven in de politiek doorgebracht. Hij begon in 1998 als raadslid in Eindhoven nadat hij twee jaar eerder al voorzitter werd van de Eindhovense afdeling van de Jonge Socialisten. In 2003 belandde hij in de Tweede Kamer. Nu treedt de 37-jarige toe tot het kabinet, als staatssecretaris van Economische Zaken.

Hij zal niet hebben tegengestribbeld: zijn ambities schijnen nogal stevig te zijn. In 2012 deed hij een vergeefse gooi naar het politiek leiderschap van de PvdA, nadat Job Cohen zich had teruggetrokken.

De PvdA moest volgens de Facebookpagina van Van Dam een partij zijn "die de nieuwe generatie weer het vertrouwen geeft dat morgen beter kan worden dan vandaag". Hij had veel mee: was jong, zag er goed uit, is welbespraakt, hij zou wel eens jeugdige kiezers kunnen trekken. Maar de leden van zijn partij zagen het niet zitten, hij kreeg maar 3,9 procent van hun stemmen. Van Dam wist daarmee alleen Lutz Jacobi met haar 2,3 procent te verslaan.

De partij zelf ziet niettemin veel in hem. Hij werd in 2012 wel vicefractievoorzitter en zo ook rechterhand van politiek leider Diederik Samsom, met als speciale taak de eenheid binnen de rumoerige club te bewaren. Aan debatten komt hij de laatste jaren dan ook amper meer toe, terwijl dat een kolfje naar zijn hand is, want hij staat bekend als een harde debater op heel verschillende dossiers.

Hij is ook lid van de partijcommissie die het programma maakt voor de verkiezingen van 2017, een evenement dat de PvdA gezien de peilingen alleen maar met grote zorg tegemoet kan zien.

Geboren in Zoetermeer op 1 februari 1978, bracht hij zijn lagereschooltijd door in het Gelderse Huissen. Daarna verhuisde hij naar Eindhoven, waar zijn politieke belangstelling wortel schoot, blijkt op zijn website: "Ik woonde in een wijk waar sommige kinderen al jong werden afgeschreven, omdat ze nooit een diploma zouden gaan halen. Ik wilde daar verandering in brengen en opkomen voor mensen die hun best doen om wat van het leven te maken, maar het niet altijd alleen kunnen." Het was ook een wijk "waar bewoners die de wijk netjes wilden houden te weinig steun kregen en aso's op te veel begrip konden rekenen. Ik vond dat het andersom moest zijn."