Nieuws
484328
Nieuws

REPORTAGE

Nederland wereldleider bij restaureren antieke schepen

Er is geen land ter wereld waar zoveel gerestaureerde oude boten rondvaren als in Nederland. De generatie geboren in de twee decennia na de oorlog heeft nu de tijd én het geld om zich te wijden aan het opknappen, lakken, poetsen en zeilen van duizenden vaartuigen van vroeger. Maar donkere wolken pakken zich samen boven deze specifieke subcultuur.

De zon schijnt, het Pikmeer bij Grou ligt er open en vrij bij, de wind trekt aan van windkracht drie naar vier en de lucht is helder en fris – vandaag is de wereld één grote belofte. Gerard Huiskes neemt nog een trek van zijn sigaar en glimlacht. Hij zit aan het roer van zijn oogappel, de ‘Lytse Bever’, Fries voor ,De Kleine Bever’.

Oudste van de oudsten

Het kleine Friese jachtje is het oudste nog varende bootje van Nederland. De oudste delen van het scheepje zijn bijna tweehonderd jaar. Als volgens de criteria van de Federatie Varend Erfgoed Nederland (FVEN) dertig procent van een historische boot nog authentiek is, mag het gelden als een boot uit die eerste tijd. En dat is bij de Lytse Bever het geval. Het roer en het achterschip zijn uit 1820. Daarmee is het scheepje mogelijk zelfs de oudste nog varende boot in Europa.

Pronken

Als er één schip in Nederland is met een ziel, dan is het deze Lytse Bever. Generatie op generatie werd het kleine 6,68 meter lange jachtje gebruikt om een veerdienst te onderhouden tussen Eernewoude en Leeuwarden. Maar er blijft een mysterie. Wie was de opdrachtgever voor de bouw? „Ik schat een rijke veenbaas die een schip wilde waarmee hij ook kon pronken en zondag mee naar de kerk kon zeilen”, zegt historicus Peter Tolsma, die een boek schreef over het bootje. „Niemand weet het.”

Goede rentmeerster

Gerard maakt het niet veel uit, hij wil vooral winnen met zijn zwaar overtuigde scheepje bij de zeilwedstrijden waar hij aan mee doet. Een windvlaag doet het scheepje ineens helen. Gerard geeft geen krimp en laat de grootschoot niet vieren; hij weet precies wat dit kostbare varende monumentje kan hebben. Gerard heeft de Lytse Bever in 2002 gekocht en sindsdien als een goed rentmeester stap voor stap opgeknapt.

Onderhoud zware last

De aanschaf was niet het probleem, het onderhoud is een ander verhaal. Laklagen„Er zitten twaalf tot achttien laklagen op het hout. Elk jaar moeten er twee tot drie worden vervangen. Als je het bootje eenmaal onderhoudstechnisch onder controle hebt, gaat het wel, maar voor je zover bent gaat er veel tijd en vooral geld doorheen”, aldus Gerard, die ondernemer is en een eigen machinefabriek heeft.

De ondergang

Gerard is een voorbeeld van de generatie botenliefhebbers die de kern vormt achter het succes van opleving van historische boten. Er staan inmiddels zesduizend historische schepen ingeschreven in het register van Federatie Varend Erfgoed Nederland. Aan dat aantal kunnen zelfs maritieme naties zoals Frankrijk en Engeland niet tippen. In de jaren vijftig ontstond in Nederland een beweging om oude botters van de ondergang te redden. Dat zette een restauratiegolf in gang die momenteel zijn hoogtepunt lijkt te bereiken.

Restauratiegolf

Waarschijnlijk zal Nederland over twintig jaar constateren dat de restauratiegolf ergens tussen 2010 en 2015 op zijn top zat. Wie er oog voor heeft ziet momenteel overal op het Nederlandse water prachtige gerenoveerde boten varen.Uniek„Het is uniek dat wij dit tot stand hebben gebracht – met geld van particulieren”, vertelt Arthur van ’t Hof, hoofdredacteur van Spiegel der Zeilvaart, een tijdschrift dat zich richt op klassieke boten.

Snelle huurboten

„In veel andere landen voelde de overheid zich verantwoordelijk voor het bewaren van de maritieme historie. Maar hier voelen mensen zich persoonlijk verantwoordelijk. Dat is veel effectiever.”Maar er is niet alleen maar goed nieuws. Donkere wolken pakken zich samen boven een vloot van zestienhonderd Nederlandse boten. De watersport vergrijst, de jeugd stapt minder snel in een boot. Varen is geen volkssport meer. Als je in Nederland als watersporter vijftig jaar oud bent, ben je jong! Jongeren gaan, als ze al varen, vooral in snelle huurboten zitten, niet in langzame platbodems.

De kentering

„Misschien komt er wel een kentering”, hoopt Van ’t Hof. „Het zou best kunnen zijn dat de jongere generatie over een paar jaar platbodems ontdekt. De stacaravan is tenslotte ook hip geworden onder Randstedelingen!”Schipper en booteigenaar Gerard steekt, eenmaal terug op de kant, zittend op een terras in Grou, nog maar eens een sigaar op en peinst over de toekomst van zijn Lytse Bever. „Ik mag een tijdje op haar passen. En ik hoop natuurlijk dat straks iemand dit scheepje overneemt. Iemand die er net zoveel passie voor heeft als ik. Want een ding is duidelijk”, constateert hij lachend, „dit bootje gaat mij overleven!”