Nieuws
489932
Nieuws

De Weegschaal

Thee: hoe gezond is dat écht?

Een kop thee, makkelijker en puurder kan het niet. Hoewel? Sommige producenten voegen suiker toe aan hun thee. En ook theezakjes staan ter discussie. Hoe gezond is thee nu écht? Voedingsdeskundige Carina Noordervliet ging op onderzoek uit.

De Keuringsdienst van Waarde dook begin dit jaar in de wereld van thee. In een uitzending werd bekendgemaakt dat sommige producenten suiker aan thee toevoegen. En dan gaat het niet alleen om thee met smaakjes, maar ook de oh zo gezonde groene thee. Een bekende, grote theeproducent bleek smaakmakers, die voor 50 tot 70 procent uit suiker bestaan, aan meerdere soorten thee toe te voegen. Die smaakmakers staan op het etiket vermeld als ‘aroma’s.’

Theedrinkers stonden op hun achterste benen. Wie bewust zelf nooit suiker aan de thee toevoegt, voelt zich genept door de onthulling. De bewuste producent verdedigt zich door op de bedrijfswebsite te schrijven dat je om 1 gram suiker binnen te krijgen, 83 kopjes van een bepaald merk thee zou moeten drinken. Misschien valt het met de calorieën dus wel mee, maar als je wilt voorkomen dat je ongemerkt en ongewild toch ‘stiekeme’ suikers binnenkrijgt, zul je dus etiketten moeten lezen.  

Volblad of theezakje?

Verstokte theedrinkers discussiëren ook graag over hóe je thee drinkt. Het verhaal gaat dat losse theeblaadjes, dus zonder zakje, het allerbeste voor je zijn. Want als er losse bladthee in het hete water zit, is er meer ruimte om de goede stoffen uit de thee te absorberen. Als deze thee in een zakje wordt gestopt, is er te weinig ruimte om te absorberen en dat is niet bevorderend voor de smaak.

Volbladthee is inderdaad vaak van hogere kwaliteit dan losse gebroken thee. En juist dat laatste wordt in theezakjes gestopt. Op zich geen probleem, want de kwaliteit is hoog genoeg voor de gemiddelde theedrinker. Bovendien is de thee lekker goedkoop. Sommige theemerken gaan voor een compromis en spelen met de ruimte van het theezakje: piramidevormige zakjes geven bijvoorbeeld meer ruimte aan de thee. Zo krijg je dus betere kwaliteit en smaak.

Echte thee

Om er zeker van te zijn dat we echt kwaliteit drinken én dat er geen suiker in zit, kunnen we dus beter overstappen naar de losse volbladthee, zonder zakje of welke andere vorm dan ook. Echt makkelijker wordt de keuze niet: er zijn namelijk talloze soorten thee. Alleen de ‘echte thee’ – groene, witte, zwarte en Oolongthee – komt van de plant camellia sinensis. Dit zijn allemaal reuzegezonde theesoorten, aangezien ze vol zitten met antioxidanten.

Witte thee spant wat dat betreft de kroon, groene thee is een mooie tweede. De thee bevat bovendien ook nog veel vitaminen en mineralen. Andere theetjes zijn geen ‘echte thee’; ze komen van een andere plant, zoals de bekende Rooibosthee, muntthee en verveine. Voor het gemak noemen we deze drankjes toch thee: je trekt tenslotte met water gezonde stoffen uit het kruid. De kruiden bevatten niet dezelfde eigenschappen als echte thee, maar hebben wel hun eigen gezonde kenmerken. Dus ook dat is gezond.

Kwestie van smaak

Persoonlijk vind ik dat we ons niet zo druk hoeven maken over al deze theekwesties. Je kunt erop letten dat er geen suiker aan thee is toegevoegd. Dat betekent helaas wel dat je etiketten moet lezen, vervelend en vermoeiend. Wil je er zeker van zijn dat er niets is toegevoegd en dat je de meest gezonde keuze maakt, dan kun je kiezen voor losse volbladthee in de witte of groene variant. Toch heb ik niets tegen buideltjes en piramidezakjes. Die leveren niet helemaal dezelfde kwaliteit en je krijgt bij het drinken van deze thee wat minder gezonde stoffen binnen, maar ongezond is het niet. Welke je thee je kiest is toch vooral – net als bij wijn – een kwestie van smaak.

Meer uit De Weegschaal