Nieuws/Binnenland
493920
Binnenland

Dossier

Het borstkanker ABC

Wie de diagnose borstkanker krijgt, moet niet alleen emotioneel veel verwerken, maar wordt ook overladen met onbekende begrippen. Omdat het al moeilijk genoeg is, hier de belangrijkste op een rij.

Aantallen

Hoewel borstkanker nog steeds het meest voorkomt bij vrouwen tussen de 50 en 75 jaar, valt 1 op de 10 in de ‘jonge’ categorie (onder 45). Volgens de laatste officiële telling in 2013 bleek dat 1721 vrouwen onder de 45 jaar de diagnose kregen. Daarvan waren 1013 vrouwen tussen de 40 en 44 jaar, 411 tussen de 35 en 39 jaar, 217 tussen de 30 en 34 jaar en 80 vrouwen zelfs jonger dan 30. De aandacht van Stichting Pink Ribbon richt zich deze borstkankermaand op vrouwen jonger dan 45 jaar.

Behandeling

Ook bij jonge vrouwen bestaat de behandeling bijna altijd uit een combinatie van opereren (amputatie of borstbesparend) met radiotherapie (bestraling), chemotherapie, hormoontherapie en/of gerichte therapie (immuuntherapie: cellen worden doelgericht ‘aangevallen’). De combinatie en volgorde van de behandeling is afhankelijk van het ziektebeeld. Omdat de kans op terugkeer van kanker na de behandeling bij jonge vrouwen groter is, wordt vrouwen onder de 35 vaker een amputatie en aanvullende chemo-  of hormoontherapie aangeraden.

Chemotherapie

In tegenstelling tot radiotherapie, die plaatselijk wordt toegepast, is chemotherapie een systematische behandeling die door het hele lichaam zijn werk doet. De therapie wordt meestal toegepast via een infuus – soms met pillen – waarbij de dosering en combinatie van verschillende middelen op elke patiënt individueel wordt afgestemd. Chemotherapie is berucht vanwege de vele mogelijke bijwerkingen, zoals extreme misselijkheid, verandering van smaak en haarverlies.

Diagnose

Omdat het borstweefsel in jonge borsten compacter is, zijn afwijkingen zoals tumoren moeilijker te vinden. Om een eventuele tumor toch te kunnen zien, kan het nodig zijn om behalve een mammografie ook een echografie en MRI-scan te maken, die weer andere details laten zien van het borst- en klierweefsel. Bij vrouwen onder de 30 en/of vrouwen die borstvoeding geven, wordt de echografie zelfs het meest geadviseerd.

Erfelijkheid

Bij 5 tot 8% van alle patiënten met borstkanker is er sprake van een bewezen aanleg of erfelijkheid. De twee belangrijkste genen die hiervoor verantwoordelijk zijn, zijn BRCA1 en BRCA2 (zie ook ‘Genen’). Het risico om daardoor borstkanker te krijgen, stijgt vanaf 25 jaar en neemt weer iets af na de overgang. Soms zijn er duidelijke aanwijzingen voor een erfelijke vorm van borstkanker, bijvoorbeeld als de ziekte bij iemand jonger dan 40 jaar de kop op steekt, als het vaker voorkomt binnen de familie of als een man in de familie borstkanker heeft. Dan kan het nuttig zijn die erfelijkheidsfactoren in kaart te brengen.  

Fertiliteit

De meeste vrouwen jonger dan 45 jaar zijn nog niet in de overgang en hebben vaak nog een kinderwens. En die is lastig te combineren met borstkankerbehandelingen. Chemotherapie vermindert namelijk de vruchtbaarheid doordat het de eierstokken aantast, en net als door hormoontherapie kunnen vrouwen (tijdelijk) in de overgang raken. Bij vrouwen jonger dan 35 jaar is er een goede kans dat de vruchtbaarheid terugkeert, bij vrouwen boven de 35 is de kans reëel dat de onvruchtbaarheid blijvend is.

Genen

Iedereen heeft BRCA (staat voor BReast CAncer) genen. Bij een mutatie hiervan kan ongeremde celdeling ontstaan, en daardoor kanker. Het risico op borstkanker bij een BRCA 1 en 2-mutatie is 60 tot 80%, waar dat zonder erfelijke aanleg 14% is. Bij eierstokkanker is het risico bij BRCA1 30-60%, bij BRCA2 5-20% en zonder erfelijke aanleg 1%. Vrouwen waar deze erfelijke genmutatie wordt geconstateerd, kiezen er soms voor om borsten en/of eierstokken preventief te laten verwijderen. Zoals actrice Angelina Jolie: vanwege een BRCA1-mutatie liet zij in 2013 haar borsten preventief verwijderen en eerder dit jaar ook haar eierstokken.

Hormonen

Hormoontherapie wordt gebruikt tegen zogenoemd hormoongevoelige tumoren. Net als chemotherapie is ook dit een systematische behandeling, dat wil zeggen dat deze door het hele lichaam werkt. Bekende middelen die vaak worden voorgeschreven bij een hormonale behandeling zijn Herceptin, bij tumoren die gevoelig zijn voor het eiwit HER2/neu, en Tamoxifen bij oestrogeengevoelige borstkanker.

Invriezen

Vrouwen onder de 40 jaar met een kinderwens kunnen tegenwoordig de kans op een zwangerschap na de kankerbehandelingen vergroten. Bijvoorbeeld door te kiezen voor het invriezen van onbevruchte eicellen of zelfs bevruchte eicellen/embryo’s om die na de behandelingen te laten terugplaatsen. Het is ook mogelijk om eierstokweefsel te laten invriezen, hoewel de veiligheid en effectiviteit daarvan nog wordt onderzocht.

Jonge vrouwen

Borstkanker is in de regel goed te behandelen, maar blijft op elke leeftijd een ernstige ziekte. Dat Stichting Pink Ribbon ervoor kiest om deze borstkankermaand de aandacht te richten op jonge vrouwen met borstkanker wil niet zeggen dat het voor hen ‘erger’ is. Wel krijgt die jonge groep vaak te maken met andere problemen, zoals (verminderde) vruchtbaarheid en zwangerschappen.   

Kaal

Haaruitval is een veelvoorkomende bijwerking van chemotherapie, die ongeveer zo’n twee weken na de eerste kuur begint. Niet bij elke chemokuur, maar helaas wel bij de meeste. Sommige vrouwen kiezen ervoor hun haar helemaal af te scheren en een pruik, muts of hoofddoekje te dragen. Behalve het hoofdhaar kunnen ook wimpers, wenkbrauwen, oksel- en schaamhaar (tijdelijk) verdwijnen. Met hoofdhuidkoeling, de zogenoemde cold cap-methode, kan haaruitval sterk verminderd worden. Jammer genoeg werkt dit niet altijd goed en ook niet bij alle chemokuren.

Levensverwachting

De tienjaars-overleving van borstkankerpatiënten onder de 45 is 79%. Dat is iets lager dan de groep van 45 tot 54 jaar (85%) en van 55 tot 74 jaar (83%). Ten opzichte van hun oudere lotgenoten heeft de jongste categorie bij de diagnose vaker grotere tumoren, uitzaaiingen in de lymfeklieren, zeldzame vormen van borstkanker en ook vaker graad 3 tumoren, waarbij de vorm van de cellen het meest afwijkend zijn van ‘gewone’ en waar vaker een slechte prognose bij hoort.

Mammaprint

Mammaprint is een test die de tumor in kaart brengt; hiermee kan worden bepaald hoe agressief de vorm van borstkanker is. Zo kan de arts beter bepalen welke behandeling het beste is én hoe groot de kans is op terugkeer van de ziekte. De Mammaprint is inmiddels beschikbaar in elk ziekenhuis in Nederland en wordt meestal vergoed door de ziektekostenverzekering. De test werd ontwikkeld door het bedrijf van René Bernhards, een bekende onderzoeker op oncologisch gebied.

Neoadjuvante behandeling

In tegenstelling tot adjuvante chemotherapie, die na de operatie wordt gegeven, is er ook neoadjuvante chemotherapie. Deze wordt toegediend vóór de operatie, bijvoorbeeld om uitzaaiingen op afstand te voorkomen, maar ook om de tumor eerst te verkleinen. Hierdoor is het in sommige gevallen mogelijk om een borstbesparende operatie te doen in plaats van een amputatie.

Overgang

Bij een behandeling met chemo- en/of hormoontherapie komt een vrouw vervroegd in de overgang. Dat hoeft niet altijd blijvend te zijn: het hangt af van de leeftijd, de soort behandeling, de duur daarvan en de mate van vruchtbaarheid voor de behandeling. Ook als een vrouw preventief haar eierstokken laat verwijderen, komt ze in de overgang. In dat geval is dat definitief.

Prothese

Na amputatie wel of niet kiezen voor een prothese, en welke, is heel persoonlijk. Het meest eenvoudig is om de borst te vervangen door een uitwendige prothese, die in de beha wordt gedragen. Maar een inwendige prothese is ook mogelijk. Het kan zijn dat die in dezelfde operatie wordt geplaatst als de amputatie (zie ook ‘Reconstructie’). Ook in gevallen van een borstbesparende operatie waarbij de grootte erna afwijkt van de gezonde borst kan een inwendige prothese soms een oplossing zijn om de borsten weer gelijk te maken.

Reconstructie

In veel gevallen is het mogelijk om de operatie waarbij een borst wordt verwijderd meteen te combineren met een reconstructie. Dat kan bijvoorbeeld als een vrouw preventief haar borsten laat verwijderen. Een reconstructie kan met een prothese worden gedaan, maar in sommige gevallen ook met eigen weefsel. Uit onderzoek blijkt dat vrouwen waarbij een directe reconstructie plaatsvindt, zich psychisch én lichamelijk een stuk beter voelen dan vrouwen waarbij dat niet of later gebeurt.

Seksualiteit

Tijdens chemotherapie blijft seks mogelijk, al is het de vraag of veel vrouwen daar in die periode zin in hebben. Door hormoonbehandelingen kunnen lustgevoelens afnemen en, net als bij chemotherapie, vaginale droogheid ontstaan. Maar ook na een (succesvolle) behandeling blijft seksualiteit soms een heikel punt: na een operatie krijgt 30% van de vrouwen in meer of mindere mate problemen op dat vlak. Bijvoorbeeld door onzekerheid vanwege een veranderde of geamputeerde borst, pijn of gevoelsverlies. Belangrijk is dat een vrouw haar lichaam weer accepteert en er opnieuw vertrouwen in krijgt.

Tumor

De ene tumor (mammacarcinoom bij borstkanker) is de andere niet: bij de behandeling en prognose van borstkanker is bijvoorbeeld belangrijk om te weten hoe groot en agressief een tumor is en of de tumor eiwit- of hormoongevoelig is. Ook moet worden vastgesteld in welk stadium de borstkanker zich bevindt, wil een arts een goed behandeladvies kunnen opstellen.

Uitzaaiingen

Het kan zijn dat de borstkanker pas wordt gevonden als er al uitzaaiingen zijn in bijvoorbeeld  de lymfeklieren of andere organen. De artsen zullen hun best doen om met hun behandeling de kans op uitzaaiingen zo klein mogelijk te maken. Helaas is dat niet te voorspellen en ook niet altijd onder controle te houden.

Vermoeidheid

Dóódvermoeiend, kanker hebben. 65% van de patiënten heeft tijdens de behandeling, maar ook erna, last van vermoeidheid, hoe jong en ‘stoer’ ze ook zijn. Gek genoeg is niet rust, maar juist bewegen de beste remedie. Dat kan onder begeleiding tijdens nazorgprogramma’s. Hoewel sommige patiënten nog heel lang last houden van de vermoeidheid, voelt de meerderheid zich alweer beter zodra ze het dagelijks leven weer kan oppakken. 

Wetenschappelijk onderzoek

Kreeg vroeger elke vrouw bij wie borstkanker werd vastgesteld dezelfde behandeling, tegenwoordig wordt die op elke patiënt(e) individueel afgestemd. Door veel onderzoek, onder meer gefinancierd door Stichting Pink Ribbon, zijn wetenschappers steeds wijzer geworden als het gaat om borstkanker. En hoewel het aantal vrouwen dat jaarlijkse de diagnose krijgt helaas nog steeds stijgt, sterven er gelukkig steeds minder vrouwen aan.

Zwangerschap

Borstafwijkingen komen vaak voor bij zwangere vrouwen, maar veruit de meeste zijn goedaardig. Helaas gaat het ook weleens mis; 30 vrouwen per jaar krijgen de diagnose borstkanker tijdens de zwangerschap. De ziekte zelf kan het ongeboren kind niet schaden, de behandeling wel. Daarom moet die extra zorgvuldig worden afgestemd.  

Meer info over borstkanker: Borstkankerboek, www.borstkanker.nl, www.pinkribbon.nl