498908
Binnenland

Een waas van vermoeidheid

Chemo nummer vier is achter de rug. Het toedienen en inlopen is probleemloos gegaan, maar daarna ben ik in een grote waas van vermoeidheid, futloosheid en misselijkheid terecht gekomen.

Op dag twee heb ik fysiek een kleine opleving, maar tegelijkertijd kamp ik met knagend verdriet. Mijn oudste kind is jarig, 17 jaar geworden. Ondanks al mijn verschillende felicitatiepogingen is er totale radiostilte en dat hakt er met mijn neerslachtige chemohoofd dubbel zo hard in. Deze levensbedreigende ziekte heeft geen toenaderingspogingen gecreëerd. Dit doet immense pijn en geeft een groot gevoel van onverschilligheid. Doe ik er niet toe?

Opgebrand

Lang kan ik hier 'gelukkig' niet bij stil staan, want hierna gaat mijn licht compleet uit. Ik kan me er nog steeds over verbazen dat ik van het ene op het andere moment volledig opgebrand kan zijn. Als een auto met een plots lege benzinetank. Totaal geen energie, geen kracht, geen levenslust. Ik kan mezelf nog net naar bed slepen om me daar buiten adem op te storten. Zelfs praten is dan teveel.

En zo kom ik de dagen door. Deels slapend, deels suffend en deels op en neer lopend naar het toilet. Want moe of niet, misselijk of niet; ik moet blijven drinken. Het gif moet zo snel mogelijk mijn lijf uit. Het mag ook niet in mijn blaas blijven staan, want dat kan blijvende schade geven.'Even volhouden'

Dan neemt de vermoeidheid eindelijk af, opgevolgd door de kartonfase en depressiviteit. Mijn smaakpapillen proeven bij alles nat karton, bah! Ik probeer zo min mogelijk te eten, maar mijn maag denkt hier anders over. Hij rommelt luidruchtig. Een honger dat ik heb! Dat schijnt van de pep-medicatie te komen. Jammer, ook afvallen wordt je tijdens een chemo niet gegund.

Depressiviteit is ondertussen ook een goede bekende geworden. Zo dartelend als ik normaal door het leven ga, zo zwaar valt het me na een kuur. Ik kan de ellende in de wereld dan totaal niet aan. Maar wat ik nu wel weet: dit is tijdelijk. Het komt door de medicatie, dit zijn allemaal bijwerkingen. Even volhouden dus.

Hierna begin ik aan een nieuwe ronde: twaalf Taxolkuren (wekelijks) en zeventien  Herceptinkuren (elke drie weken). "Onderschat dit traject niet", zegt mijn arts. "Deze kuren zijn an sich milder, maar vallen zwaar omdat het wekelijks is en omdat je conditie steeds meer zal afnemen". Ze duwt een lijstje met bijwerkingen onder mijn neus. Positieve aandacht

Verminderde weerstand, bloedarmoede, misselijkheid en braken, ontsteking van het mondslijmvlies, verandering in smaak, diarree, vermoeidheid en zwakte, haarverlies, pijn in spieren en gewrichten, huiduitslag, tintelingen en gevoelloosheid in handen en voeten, hoofdpijn, allergische reacties en vochtopstapeling. Slik! En dit zijn de meest voorkomende bijwerkingen, de minder voorkomende sla ik maar over...

Maar zoals vaker gezegd, ieder nadeel heeft een voordeel. Ik ben momenteel een krakkemikkig, giftig bouwval, maar wat krijg ik toch een hoop positieve aandacht zeg. Dit geeft hele fijne warmte!