Nieuws
499479
Nieuws

Praat mee

‘Wat moet ik zeggen tegen mijn weduwe-buurvrouw?’

Het is vandaag Nationale Burendag en dat een goede buur soms beter is dan een verre vriend, blijkt uit deze bijzondere open brief van één van onze lezeressen.

Nu de man van mijn buurvrouw is overleden, wil ik er graag voor haar zijn. Maar het is zo moeilijk de juiste woorden te vinden. Nooit vergeet ik het meer: de pan macaroni met saus die in onze koelkast stond, met een zakje geraspte kaas erbij. Een klein gebaar dat zoveel liefde en zorg omvatte. De pan macaroni was van de bovenbuurvrouw uit ons appartementencomplex. Zij zette die neer nadat mijn man haar in paniek sms’te vanuit het ziekenhuis waar onze dochter van drie maanden was opgenomen. Ze had een infectie opgelopen en werd plotseling doodziek met een ambulance naar de IC gebracht. Natuurlijk wilden we maar een ding: dicht bij ons kind blijven, dat zo stilletjes in een ziekenhuisbed lag. Maar thuis liepen drie poezen rond, die inmiddels wel hongerig moesten zijn. Ook onze ouders waren in het ziekenhuis en toen dachten we ineens aan de bovenbuurvrouw, die gelukkig onze sleutel had. Elke zomer zorgden we voor elkaars katten als we op vakantie gingen, maar verder liepen we de deur niet bij elkaar plat. Mijn man stuurde haar een sms: dat het niet goed ging met onze dochter, of ze alsjeblieft de katten eten wilde geven. ‘Zo lang als maar nodig is. Sterkte!’, sms’te ze terug.

Attent

Langzaam aan knapte ons meisje op. Pas toen – na dagen op de IC, elkaar af en toe afwisselend om een paar uurtjes slaap te pakken – durfden we het aan om even naar huis te gaan om wat spullen te pakken. Toen we die avond de sleutel in het slot staken, bleek dat de kattenbak brandschoon was en de huiskamer grondig gestofzuigd. En in de koelkast stond dus die pan macaroni. Wat vond ik dat attent! De buurvrouw echt bedanken lukte pas nadat onze dochter van de IC kwam en uiteindelijk weer mee terug naar huis mocht. Uit dat pannetje macaroni ontstond een warme vriendschap.

Bang dat ik iets verkeerd doe

Die angstige periode is inmiddels vijf jaar geleden. Wij kregen nog twee kinderen en zijn een paar maanden geleden verhuisd naar een buitenwijk. Daar merkte ik al snel dat mijn nieuwe buurman ernstig ziek was. Ik zag hem voorbijkomen in zijn rolstoel, voortgeduwd door mijn buurvrouw die ongeveer net zo oud is als ik. Natuurlijk nodigden we ze na onze verhuizing uit voor een kop koffie. Leuke, aardige mensen. De buurman vertelde toen zelf dat hij uitgezaaide kanker had. Vorige week is hij overleden, zo jong nog. Ontzettend verdrietig. We zijn naar de begrafenis gegaan en hebben onze buurvrouw bloemen gebracht. Maar ik merk hoe moeilijk het is de juiste woorden te vinden. Bang dat ik iets verkeerds doe of zeg. Nu ik zélf steun kan bieden, merk ik dat er geen woorden van troost bestaan. Ik voel me zo onhandig. Terwijl ik graag net zo’n goede buurvrouw wil zijn als míjn buuf destijds. Maar ik heb iets bedacht: vandaag, op 26 september is het burendag. Een goed excuus om haar uit te nodigen voor een kop koffie – ‘er zijn’ is toch eigenlijk het enige dat je kunt doen.

Hoe is jouw contact met jouw buren? Doe jij wel eens wat voor ze? En doen zij wel eens wat voor jou? Praat mee!