Nieuws/Binnenland
534550523
Binnenland

Senaat stemt in met spoedwet over avondklok

Ferdinand Grapperhaus, demissionair minister van Justitie en Veiligheid, bij de stemming over de spoedwet waarmee de avondklok moet worden geregeld.

Ferdinand Grapperhaus, demissionair minister van Justitie en Veiligheid, bij de stemming over de spoedwet waarmee de avondklok moet worden geregeld.

Den Haag - Het demissionaire kabinet heeft de gewenste achtervang voor de avondklok, nu ook de Eerste Kamer heeft ingestemd met een spoedwet die de omstreden spertijd mogelijk moet maken.

Ferdinand Grapperhaus, demissionair minister van Justitie en Veiligheid, bij de stemming over de spoedwet waarmee de avondklok moet worden geregeld.

Ferdinand Grapperhaus, demissionair minister van Justitie en Veiligheid, bij de stemming over de spoedwet waarmee de avondklok moet worden geregeld.

45 senatoren stemden voor, 13 tegen. Coalitiepartijen VVD, CDA, D66 en CU kregen onder meer steun van de SP, GL en PvdA. In de senaat werd vrijdag de hele dag over het voorstel gedebatteerd, terwijl de rechter op een steenworp afstand besloot pas volgende week vrijdag een knoop door te hakken over de juridische basis van de avondklok.

Senatoren leverden vooral kritiek op het knutselwerk waarmee het kabinet het huisarrest na negen uur ’s avonds had vormgegeven. SP-senator Janssen noemde het ’juridische hoogmoed’ van minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) om gebruik te maken van een noodwet om de avondklok te regelen. Hij vond net als veel andere senatoren dat de CDA-bewindsman eerder gebruik had moeten maken van de coronawet.

Maar onder de streep stemde de Eerste Kamer in navolging van de Tweede Kamer toch in met een reparatiewet. Die gaat ’zo snel mogelijk in’ zegt Grapperhaus vrijdag in de Eerste Kamer: „Wat mij betreft morgen.”

Daarmee heeft het kabinet zich ingedekt tegen de uitglijder eerder deze week. Toen kraakte de voorzieningenrechter de onderbouwing voor de inzet van het paardenmiddel, het de daarvoor gekozen juridische route.

Woensdag diende het kabinet daarom een nieuw wetsvoorstel in. Het was al de tweede poging deze week, nadat de Raad van State een eerdere noodwet had bekritiseerd. Het adviesorgaan vond in het eerdere voorstel een degelijke onderbouwing ontbreken. Een wijziging van de bestaande coronawet, waaronder het kabinet maatregelen kan afdwingen, is volgens de adviseur juridisch meer solide.