Nieuws/Binnenland
541896793
Binnenland

Rechtbank staat inzet criminele burgerinfiltrant in drugszaak toe: ’Geen strafbare feiten op eigen gezag’

Justin S. tijdens een eerdere zitting

Justin S. tijdens een eerdere zitting

LEEUWARDEN - De inzet van een criminele burgerinfiltrant in een noordelijke drugszaak was rechtmatig. „Het kan de toets der kritiek volstaan. Verdachten zijn niet in hun belangen geschaad.” Dit blijkt woensdag uit een uitspraak voor de rechtbank in Leeuwarden. „Er was geen sprake van een infiltrant die op eigen gezag strafbare feiten ging plegen.”

Justin S. tijdens een eerdere zitting

Justin S. tijdens een eerdere zitting

De veroordeelden zaten volgens de rechtbank al langer in de drugs en lieten zich leiden door de drang om geld te verdienen. Ze werden dus niet door de infiltrant geworven. Er werden celstraffen opgelegd van enkele maanden tot zeven jaar en ook een aantal taakstraffen opgelegd. Ook werd een groep verdachten vrijgesproken.

De zaak ’Vidar’ rondom drugssmokkel startte begin dit jaar en kwam vooral onder de aandacht vanwege de inzet van een criminele burgerinfiltrant. Mede dankzij die burgerinfiltrant (die vertrouwen moest winnen van drugsverdachten) werd de vermeende bende uitgeschakeld. De man, codenaam ’A-4110’, werkte vanaf 2018 als ogen en oren van justitie en ontving er 77.060 euro voor.

De afgelopen periode stonden tientallen verdachten in Leeuwarden voor de rechter, op verdenking van betrokkenheid bij drugshandel en witwassen. Er werd de laatste tijd volop onderzoek gedaan naar internationale drugshandel vanuit Friesland naar Finland, Ierland en Australië. In 2020 werd in de provincie Groningen 86 kilo drugs (speed/amfetamine) met een straatwaarde in Finland van 700.000 euro onderschept.

Politieke problemen

De inzet van (onder meer) een burgerinfiltrant leverde in het verleden echter de grootst mogelijke politieke problemen op. Bewindslieden sneuvelden erdoor, rondom de bekende IRT-affaire uit de jaren negentig. Daarbij kwamen grote partijen drugs via infiltranten op de markt. De gewraakte methode was vervolgens tientallen jaren verbannen, maar mocht weer vanaf 2014. De nu ingezette burgerinfiltrant was afkomstig uit het criminele circuit. Hij deed pseudo-aankopen, wat volgens de raadslieden van verdachten in de zaak niet volgens de geldende regels ging. (De minister gaf toestemming nadat de infiltrant al bezig was en verdachten onder druk zette.)

Friese verdachte Justin S. (36), lid van motorclub Red Devils, werd veroordeeld tot vijf jaar celstraf. Hij zat al bijna een jaar in voorarrest. Hij zuchtte na de uitspraak, maar bleef er rustig onder. De boze S. had tijdens de zitting de infiltrant aangewezen als de man die hem had benaderd en die hem onder druk had gezet. De infiltrant was actief geweest: „Hij bleef komen en bellen.” S. voelde zich ook bedreigd. „Hij leek een grote man.”

Geschrokken

S. en zijn raadsman Tony Boersma reageren na afloop geschrokken tegenover rechtbankverslaggevers, wat veroordeelden doorgaans niet zelf doen. S. werd overigens van twee van de vier feiten vrijgesproken, waaronder vermoed lidmaatschap van een criminele organisatie. Boersma: „Het is wat ons betreft uitgelokt (door de infiltrant). Justin heeft niet eens een strafblad. De burgerinfiltrant nam zelf telkens contact op, wel tien keer.” S. schudt het hoofd: „Als ik nou zou gevaarlijk was voor de maatschappij, zou ik hier dan zomaar staan?”

Het Openbaar Ministerie (OM) Noord-Nederland is blij dat de inzet van de burgerinfiltrant vooralsnog overeind blijft. Persofficier mr. Jan Hoekman licht toe waarom wat hem betreft de inzet gerechtvaardigd was: „Er was sprake van een gesloten netwerk. Daardoor duurde de inzet inderdaad wat langer, maar wat is ’te lang’? Maanden, weken? Als het in deze zaak een ’nee’ was geweest dan waren we er nog niet mee gestopt. Maar dit heeft ons dus juist gesterkt.”

Veroordeelden zitten vooralsnog niet in de cel, maar lopen vrij rond tot een mogelijk hoger beroep. Justitie ziet de zwaarder gestraften liever vlot achter de tralies. „Het was eerder te begrijpen, maar er is hier sprake van jarenlange straffen.”

Motivering

Advocaat prof. mr. Jan Boksem staat verdachte Marco H. (57) bij. Die is veroordeeld tot zeven jaar celstraf. Dat valt de advocaat niet mee, erkent hij: „Ik moet de motivering nog krijgen, het is me allemaal nog niet heel duidelijk. Maar wat we nu horen, daar gaan we volgende week een middag voor zitten.”

Boksem ziet de inzet van de burgerinfiltrant in deze zaak als overtrokken. Hij en zijn collega’s zien de opgerolde drugsbende niet als een van bijzondere omvang: „Op juridische gronden meent de rechtbank dat het wel kan. Maar deze zaak werd in feite juist groter door alle media-aandacht ervoor, dankzij die infiltrant. Ik snap wel dat ze (justitie) deze zaak kozen om de burgerinfiltrant weer te proberen, dat doe je niet in een zaak met tienduizend kilo.”