Nieuws/Binnenland
553338041
Binnenland

Verdachte van moord op Esmee: ’Realiseerde me ineens dat ze niet meer ademde’

Rechtbanktekening van Olivier van de G. (R) en zijn advocaat Job Knoester tijdens een inleidende zitting in de rechtbank in Den Haag.

Rechtbanktekening van Olivier van de G. (R) en zijn advocaat Job Knoester tijdens een inleidende zitting in de rechtbank in Den Haag.

DEN HAAG - De 14-jarige Esmee Kortekaas uit Hazerswoude-Rijndijk zou per ongeluk zijn omgekomen tijdens een stoeipartij met turnleraar Olivier van de G. Dat vertelde de verdachte vrijdagmorgen in de rechtbank van den Haag waar een eerste inleidende zitting plaatshad in de strafzaak. Daar werd onder meer besloten dat Van de G. voor onderzoek naar zijn geestvermogens naar het Pieter Baan Centrum gaat.

Rechtbanktekening van Olivier van de G. (R) en zijn advocaat Job Knoester tijdens een inleidende zitting in de rechtbank in Den Haag.

Rechtbanktekening van Olivier van de G. (R) en zijn advocaat Job Knoester tijdens een inleidende zitting in de rechtbank in Den Haag.

Nadat Olivier van de G. zich tijdens de stoeipartij realiseerde dat het meisje niet meer ademde, zou hij in paniek hebben besloten om haar lichaam weg te brengen. Het stoffelijk overschot van het meisje werd op oudjaarsdag vorig jaar gevonden. Ze zat in een onnatuurlijke houding tegen een boom in een groenstrook aan de Melchior Treublaan in Leiden, op anderhalve kilometer van de woning van Olivier van de G.

Geheimzinnig

Haar familie had de avond ervoor aangifte gedaan van vermissing, en bij die gelegenheid meteen de naam van haar turnleraar genoemd. Esmee had „geheimzinnig gedaan over de contacten met Van de G.”, zei haar familie.

De politie kwam twee keer aan de deur bij de turnleraar , die heel verbaasd reageerde op haar vermissing.

Hij werd kort na de vondst van Esmee aangehouden.

25.000 berichten uitgewisseld

Het meisje zou sinds 10 januari vorig jaar een seksuele relatie met Olivier van de G. hebben gehad. Het stel wisselde 25.000 berichten uit via onder meer Whatsapp, die deels seksueel van aard waren. Esmee zou meerdere malen hebben gedreigd hun relatie te openbaren. Seks met een minderjarige is strafbaar, zelfs als die ermee instemt. Het zou voor Olivier van de G. grote gevolgen hebben. Ook zou Esmee een aantal malen hebben gedreigd zelfmoord te plegen.

Olivier van de G. kwam pas tijdens zijn zesde verhoor op 25 februari bij de politie met het verhaal over de uit de hand gelopen stoeipartij. Het meisje was boos omdat ze in zijn huis haar been ergens aan had gestoten. Stoeien was hun manier om haar weer rustig te krijgen, vertelde Van de G. aan de politie. „Ik nam haar in een bepaalde greep en realiseerde me opeens dat ze niet meer ademde.”

Hij wilde verbergen dat Esmee die avond bij hem thuis was geweest. Hij tilde haar lichaam op zijn rug, en bracht hij haar op de fiets naar de Melchior Treublaan. Tegen de rechtbank zei Olivier van de G., een tengere verschijning die jonger oogt dan zijn 32 jaar, „dat het verschrikkelijk is wat er is gebeurd. Er zijn dingen gebeurd waarvan ik me niet bewust ben geweest. Ik wil graag helpen dit zo goed mogelijk op te lossen.” Het woord spijt kwam niet over zijn lippen.

’Het gebeurde in een opwelling’

Volgens advocaat Job Knoester was er geen sprake van een vooropgezet plan om Esmee te doden, en was het dus geen moord. „Het gebeurde in een opwelling. Ook het verplaatsen van het lichaam van het meisje gebeurde in een soort waas. Een paniekreactie.”

De officier van justitie wil dat Olivier van de G. wordt onderzocht door een psychiater en een neuropsycholoog. Het verzoek om een neuropsycholoog is bijzonder. Het zou kunnen duiden op een vermoeden van hersenschade bij Olivier van de G. Zijn advocaat Job Knoester wil er niets over zeggen, maar zegt het verzoek „wel te begrijpen.”

’Confronterend’

De familie van Esmee vond het confronterend om de man te zien die hun dochter heeft gedood, zegt advocaat Robert van der Laan die de nabestaanden bijstaat. De familie wil nog niet reageren op het verhaal over de ’stoeipartij’, zegt Van der Laan. „Wat zij vooral willen is weten wat er precies is gebeurd.”

De volgende zitting is op 24 juni. Er is nog geen datum voor de inhoudelijke behandeling.