Nieuws

Het leven van kleuters onder de loep door verborgen camera’s

’Spiegel voor volwassenen’

Door Patricia Cortie

Een groep van acht kleuters waant zich onbespied en laat zien hoe ze écht met elkaar omgaan.

Een groep van acht kleuters waant zich onbespied en laat zien hoe ze écht met elkaar omgaan.

FOTO’S Michaël Terlouw

Onderhandelen, verbondjes sluiten, leiderschap nemen en de ’vijand’ uitspelen. Wat neigt naar een gemiddelde aflevering van Wie is de Mol ?, is dagelijkse kost in het leven van kleuters. In Het geheime leven van 4-jarigen laat die leeftijdsgroep zien hoe ze écht met elkaar omgaan. „Ze houden volwassenen een spiegel voor”, zegt ontwikkelingspsycholoog Steven Pont.

Een groep van acht kleuters waant zich onbespied en laat zien hoe ze écht met elkaar omgaan.

Een groep van acht kleuters waant zich onbespied en laat zien hoe ze écht met elkaar omgaan.

FOTO’S Michaël Terlouw

Hij is, samen met pedagoog Minchenu Maduro, als expert verbonden aan het EO-programma. Zij duiden het gedrag van de kinderen, die zich onbespied wanen. Het is een Nederlandse variant van het Britse The secret life of 4 year olds. In elke aflevering bevinden acht kleuters zich in een fictief kinderdagverblijf. Zij krijgen daarbij met een juf en een meester ook opdrachten. Zo kiest elk kind een cadeautje uit om aan een ander te geven. Na wat sturing heeft iedereen een presentje, ook al waren zij niet allemaal tevreden. Daarna opperen de leerkrachten: ’jullie mogen ook ruilen’. Zij verlaten het lokaal en de camera’s leggen vast wat zich daarna ontvouwt.

„Ik hoop dat het een aanjager zal zijn voor mensen zich verder in kinderen te verdiepen”, zegt Pont. „Je kunt het programma op het niveau van Praatjesmakers kijken en dat is al leuk, maar nu voegen we er kennis aan toe. Dan zie je ook meer. De liefde neemt toe als de beleving dieper wordt. Want opvoeden is niet altijd fijn, maar zo is het tenminste wel altijd boeiend.”

„Het is bijvoorbeeld een prachtig moment als je merkt dat een kind niet langer van zichzelf uitgaat, maar zich verplaatst in de ander”, schetst de ontwikkelingspsycholoog. „Als we in de wereld ergens mee geholpen zijn, is dat het wel. Eerst biedt een kind bijvoorbeeld de eigen pop als troost bij een huilend kind, maar later snapt het dat het niet van zichzelf maar van de ander uit moet gaan. Die wil dus zijn éigen pop.”

De 4-jarigen houden volwassenen volgens Pont een spiegel voor ’doordat wij vaak hetzelfde gedrag vertonen’. „Zoals op het gebied van conflicten en de baas willen zijn. Dat houden wij onder een dekzeil van beschaving. Bij hen staat de impulscontrole nog niet helemaal aan. Je ziet, zonder dat ik daar rellerig over wil doen, wat de mens voor een deel is als de beschaving nog niet helemaal klaar is.”

Pedagoog Maduro: „Je ziet ook processen in de groepsdynamiek. Op het werk is er altijd wel iemand die buiten de boot valt, onhandig is in sociale interacties. Diegene heeft dat soms niet goed kunnen oefenen. Je hebt andere mensen nodig voor je zelfbeeld, dat zie je aan de kinderen.” Ze vertelt: „Jongens zijn heel competitief: vooral bezig met hun leiderschapsrol en positie bepalen. Meisjes zijn op een andere manier bezig met sociale interacties, veel geslepener. Er wordt ingezoomd op bepaalde momenten. Als een kind aankomt met: ’ik ben geslagen’, is dat een gevolg. Nu zie je de opbouw en de frustratietolerantie.”

,,En persoonlijkheden zijn in essentie al aanwezig. Zoals jongens die wat zachter en zorgzaam zijn. En sommige meiden zijn nu al ferm, divaatjes, die vinden het heerlijk om in de belangstelling te staan. Dat werkt later door.”

Pont: „Wat je op die leeftijd leert is bepalend voor de rest van je leven. Geef een kind een marshmallow en beloof: ’als ik terugkom en die ligt er nog, krijg je er twee’. Sommigen kunnen hun impuls niet controleren, anderen wachten wél. Het is een betere voorspeller voor later academisch succes dan een IQ-test. Je kunt jong gaan werken en geld verdienen, of het enkele jaren minder hebben en gaan studeren.”

Ouders hoeven zich volgens hem geen zorgen te maken als hun kind de marshmallow wel grijpt. „Er zit geen goed of fout in de uitkomst van de experimenten. Je kunt bijvoorbeeld een fantastische kok worden. En veel kunstenaars zijn evenmin van de impulscontrole. Er is een plek voor iedereen in de wereld.”