Nieuws/Binnenland
641802840
Binnenland

Meeste kinderen geboren in tien jaar in 2021

DEN HAAG - In tien jaar zijn niet zo veel kinderen geboren als in 2021, zo laten cijfers van het CBS zien. Het statistiekbureau heeft de oorzaken van de geboortegolf niet onderzocht, maar vermoedt dat het te maken heeft met de coronamaatregelen. Daardoor zaten Nederlanders veel thuis en vonden ze het vermoedelijk een goed moment om aan kinderen te beginnen.

Vorig jaar kwamen in Nederland bijna 179.000 kinderen ter wereld. Dat is een toename van zo’n 6 procent ten opzichte van een jaar eerder en het hoogste aantal geboortes sinds 2011. Al sinds februari worden meer Nederlanders vader en moeder dan in voorgaande jaren.

Socioloog Tanja Traag van het CBS liet eerder weten dat het statistiekbureau had verwacht dat de geboortes pas in 2023 en 2024 zouden gaan oplopen. Onderzoekers schatten in dat dan een einde zou komen aan de ontwikkeling dat vrouwen steeds later moeder worden. Volgens Traag lijkt het erop dat deze ontwikkeling vroeger is ingezet vanwege corona.

De oorzaken van het hoge geboortecijfer zijn niet onderzocht, maar er zijn wel vermoedens. Zo ziet Traag dat het praktischer is geworden om werk te combineren met privé nu Nederlanders zo veel thuiswerken. Door de contactbeperkende maatregelen zijn Nederlanders zich misschien ook meer gaan richten op hun gezin.

Meer Brabanders

Het was vorig jaar in alle provincies te merken dat er meer kinderen werden geboren. Er kwamen vooral meer Brabanders ter wereld: het aantal geboorten in Noord-Brabant steeg met bijna 9 procent vergeleken met 2020. Ook Friesland en Limburg noteerden stijgingen van meer dan 7 procent.

In driekwart van de gemeenten werden vorig jaar meer baby’s geboren dan in 2020. Van de twintig grootste gemeenten vallen vooral Brabantse gemeenten op. Breda, Tilburg, Den Bosch en Eindhoven noteerden allemaal een stijging van tien procent of meer.

Noah, Lucas en Sem stonden vorig jaar het vaakst op de geboortekaartjes van jongens. De populairste meisjesnamen waren Julia, Mila en Emma volgens de Sociale Verzekeringsbank.