Nieuws/Buitenland

Erdogan ziet vrede met Koerden niet voor zich

De Turkse president Recep Tayyip Erdogan ligt op ramkoers met de Koerden. Hij kondigde dinsdag aan dat het „onmogelijk is door te gaan met een vredesproces met hen die onze nationale eenheid bedreigen”. Parlementariërs die „banden hebben met terroristen” moeten hun onschendbaarheid kwijtraken en strafrechtelijk worden aangepakt, vindt de Turkse president.

Ook die waarschuwing was duidelijk bedoeld voor Koerdische parlementariërs. Hun partij HDP kreeg onlangs bij de verkiezingen 13 procent van de stemmen, meer dus dan de zeer hoge kiesdrempel van 10 procent.

Erdogan zei dat hij „tegen het verbieden van partijen” is, maar dat „politieke leiders de prijs moeten betalen voor banden met terroristische groepen”. Het Turkse parlement, waarin Erdogans AKP de grootste partij is, zou de immuniteit van parlementariërs die van zulke connecties worden verdacht, moeten opheffen, aldus de president.

De Koerdische Arbeiderspartij (PKK) stelde afgelopen weekeinde al dat de wapenstilstand die in 2013 werd gesloten betekenisloos is geworden, nadat de Turkse luchtmacht kampen van de gewapende tak van de organisatie in Noord-Irak had gebombardeerd. Door de recente ontwikkelingen dreigt de vooruitgang van de afgelopen jaren teniet te worden gedaan.

Turkije en de Koerden hebben sinds kort juist een gemeenschappelijke vijand in terreurbeweging IS. Wrang genoeg heeft juist de bomaanslag die de jihadisten vorige week pleegden op jonge Koerden in de Turkse stad Suruç, dichtbij de grens met Syrië, de strijd tussen Turkije en de Koerden weer doen oplaaien. De PKK vertrouwt Erdogan totaal niet en beticht hem zelfs van heimelijke steun aan IS. Als 'vergelding' pleegden Koerdische militanten aanslagen op Turkse agenten en militairen.