Nieuws

Spaarrente om te huilen

Zuinige spaarders kijken steeds verdrietiger naar de rente die ze ontvangen. Meer verdienen dan de ’spaartaks’ is bijna onmogelijk.

Grootbanken bieden sinds april al rentepercentages die beginnen met een nul. Maar nu zijn ook prijsvechters steeds minder gul voor consumenten die proberen van het mooiste tarief op de markt te profiteren. De gemiddelde rente die spaarders voor vrij opneembaar geld krijgen, zakt deze maand door de grens van 1 procent. Ook bij geld vastzetten voor een jaar krijgen consumenten nog maar 0,98 procent, blijkt uit nieuwe cijfers van onderzoeksbureau MoneyView.

Onder meer Rabobank en ING verlaagden afgelopen week hun tarieven tot 0,80 procent. ZwitserLeven biedt tot nu toe de hoogste rente, maar verlaagt vrijdag naar 1,25 procent. Nummer twee, Nationale-Nederlanden, verlaagt een week later naar 1,2 procent. Zo zijn er amper nog normale spaarrekeningen die meer rente bieden dan de belasting op spaargeld.

Iedereen is het erover eens dat het belastingtarief van 1,2 procent op vermogen (boven een vrijstelling van 21.000 euro) niet meer reëel is. Tot concrete maatregelen van het kabinet leidde dat vooralsnog niet. De spaartaks is een belasting van 30 procent op een fictief rendement van 4 procent. Die 4 procent heeft de gewone spaarder sinds 1997 niet meer gezien. Bovendien is de inflatie 1 procent, zodat ook spaarders die geen vermogensbelasting betalen niets rijker worden van hun zuinigheid.