Nieuws/Binnenland
784032907
Binnenland

Restaurants en cafés verliezen kort geding en blijven voorlopig dicht

Den Haag - De horeca blijft voorlopig dicht. Dat werd dinsdagmiddag besloten door de rechtbank in Den Haag. Ruim zestig ondernemers maakten hun gang naar de rechter om de maatregelen van het kabinet aan te vechten. De motivering bij de uitspraak van de rechtbank volgt binnen twee weken.

„Het ziet er verre van rooskleurig uit voor deze hele bedrijfstak. Het is heel dramatisch”, reageert advocaat Simon van Zijll op de uitspraak. Bij de spoedprocedure werd de rechter gevraagd om de vorige week afgekondigde wekenlange sluiting van restaurants met onmiddellijke ingang op te heffen. „Volledige sluiting van minimaal 4 weken is voor de horecaondernemingen desastreus en in veel gevallen fataal”, zei van Zijll dinsdagmorgen in de rechtbank. „Een experiment waar geen goede gronden voor te vinden zijn.”

Het zestigtal ondernemers werd door de rechtbank niet in het gelijk gesteld. „Zij hebben dit niet gedaan uit luxe, maar echt als een laatste actie om zichzelf overeind te houden”, aldus van Zijll namens de eisers. „Wij hebben een standpunt ingenomen over de proportionaliteit van de maatregelen. Kennelijk vindt de rechter dit proportioneel. Het vonnis ontvangen we pas later, dus waarom de rechter zo oordeelt weet ik nog niet.”

In Duitsland vond vorige week een soortgelijke spoedprocedure plaats. Elf cafés uit Berlijn stapten daar naar de rechter om de verplichte sluitingstijd van 23.00 uur aan te vechten. Zij boekten wel succes: de rechtbank oordeelde dat het juridisch niet te onderbouwen is dat de vroegere sluitingstijd bijdraagt aan de bestrijding van het coronavirus.

Nederlandse restaurants, lunchrooms en cafés zullen voorlopig hun deuren gesloten moeten houden om de uitbraak van het coronavirus terug te dringen. Afhaal blijft wel mogelijk. De maatregelen zijn ‘willekeurig en disproportioneel’, vinden de ondernemers.

’Aantal ontmoetingen moeten beperkt worden’

Volgens de advocaat die namens de staat het kabinetsbeleid verdedigde zijn de maatregelen zonder meer ingrijpend, maar noodzakelijk. „We bevinden ons middenin de tweede golf, vooralsnog zwelt die nog aan in plaats van dat deze afzwakt. Als er geen ingrijpende maatregelen worden genomen moet de reguliere zorg nog verder worden afgeschaald. Ook het leveren van acute zorg zal dan in het gedrang kunnen komen.”

De maatregelen van het kabinet zijn erop gericht om het aantal contactmomenten en het aantal reisbewegingen te beperken. Het sluiten van eet- en drinkgelegenheden speelt daarbij volgens de landsadvocaat een belangrijke rol. „Mensen komen naar horeca met als doel om elkaar te ontmoeten, terwijl het aantal ontmoetingen juist beperkt moet worden.”

’Enorm zwarte tegenslag’

Volgens de ondernemers is het juist veiliger om in de horeca af te spreken dan thuis, zoals nu gebeurt. „Je zou zelfs kunnen stellen dat de keuze tot sluiting van restaurants juist voor meer besmettingen kan zorgen”, stelde Michael Meeuwisse, eigenaar van bodega De Posthoorn in Den Haag en aanspanner van het kort geding. „Wij betwisten zeker niet dat het virus besmettelijk is. Echter wel de omgeving waar men de besmettingen in oploopt.”

De uitspraak is een enorm zware tegenslag, vertelt hij. „We hadden graag samen met onze gasten het virus eronder gekregen. Mensen willen elkaar nou eenmaal ontmoeten. Met alle maatregelen die wij treffen is er geen betere en hygiënischere plek daarvoor dan de horeca.”

Michael Meeuwisse

Michael Meeuwisse

Zijn advocaat beargumenteerde daarnaast dat het Outbreak Management Team (OMT), dat het kabinet adviseert over het coronabeleid, voorafgaand aan de huidige sluiting stelde dat onderzocht moet worden of ten minste een deel van de horeca open kan blijven. Ze moeten dan wel gezondheidschecks blijven uitvoeren en de 1,5 meter afstand moet gewaarborgd worden. „Dit advies is door de staat in de wind geslagen. Hij schendt hiermee het zorgvuldigheidbeginsel.”

Steunmaatregelen

De advocaat van de regering stelde echter dat het OMT ten aanzien van de horeca juist adviseerde om cafés, eetcafés en drinkgelegenheden te sluiten. „Voor restaurants zonder cafégelegenheid wordt gekeken of een uitzondering gemaakt kan worden. Maar de meeste eisers vandaag hebben zo’n cafégelegenheid.”

Dat de horeca slechts een marginale rol zou hebben in het aantal besmettingen is volgens de landsadvocaat tevens onjuist. „Uit cijfers blijkt dat de horeca een belangrijke rol speelt bij besmettingen. Het is niet onredelijk dat de staat daar in lijn met het advies van het OMT maatregelen treft.”

Daarnaast kunnen de eisers volgens hem een beroep doen op de verlengde steunmaatregelen, maar die zijn volgens de ondernemers slechts ‘een doekje voor het bloeden’. „Als je geen omzet draait blijft er onder aan de streep alsnog niets over”, aldus Van Zijll. „Rutte zei de tegemoetkomingen ademen mee. Nee: de ondernemingen blazen hun laatste adem uit.”

Broek ophouden

Verder procederen zit er voor Meeuwisse voorlopig niet in. „We moeten er allemaal een beetje van bijkomen. Ik verkoop normaal bier en saté, dit soort dingen doen wij niet. En over een tijdje zijn er weer nieuwe maatregelen, we moeten even kijken hoe dat zich allemaal gaat ontwikkelen. In de tussentijd moeten we proberen onze broek op te houden, dat wordt steeds lastiger.”