Nieuws/Binnenland

'Zorgleerlingen krijgen niet wat ze nodig hebben'

Een jaar nadat het ’passend onderwijs’ is ingevoerd, waarbij alle kinderen -dus ook leerlingen met speciale leerbehoeften- een plek in het onderwijs móeten krijgen, denkt een kwart van de leerkrachten deze zorgleerlingen niet te kunnen bieden wat ze nodig hebben.

Er is duidelijk behoefte aan nascholing, waarbij de leerkrachten beter willen leren omgaan met de vaak ernstige gedragsproblemen waarmee ze geconfronteerd worden. Bij vier op de tien scholen zijn docenten niet meer dan ’enigszins positief’ over het passend onderwijs. Een derde voelt zich overbelast door het onderwijs aan zorgleerlingen.

Dat komt voort uit een evaluatie van het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO), waarbij het eerste jaar passend onderwijs naar aanleiding van gesprekken met schoolleiders, docenten en ouders in ons land is onderzocht.

De onderzoekers stellen ook dat de zorgplicht die scholen sinds vorig schooljaar hebben om álle kinderen die worden aangemeld passend onderwijs te bieden, kan worden ontlopen. Aanscherping van de aanmeldprocedure is nodig, zodat de schoolbesturen niet langer weg kunnen lopen voor hun verantwoordelijkheid.

„Het bestuur van de school waar een leerling zich aanmeldt, is volgens de nieuwe wet verplicht hem of haar de ondersteuning te bieden die nodig is. Ook als dit veel extra geld kost. Maar besturen kunnen voor deze verantwoordelijkheid weglopen. Bijvoorbeeld door ‘dure’ leerlingen en hun ouders ervan te overtuigen dat een andere school geschikter is, of hun te vertellen dat ze geen plek hebben,” lichten de NRO-onderzoekers toe.

De overgrote meerderheid van ouders -80 procent- met schoolgaande kinderen vindt het goed als hun kind klasgenoten heeft die extra ondersteuning nodig hebben. Ze waarderen het dat hun kind daardoor leert omgaan met verschillen. Of ze vinden dat de school er moet zijn voor alle leerlingen. Maar ze stellen daarbij wel voorwaarden zoals een gezonde balans, er moet een docent zijn die de situatie aankan en dat op reguliere scholen geen kinderen thuishoren met zeer ernstige problemen. Een klein deel van de ouders vindt het niet goed dat er kinderen met problemen in de klas van hun kind komen: 6 procent geeft als reden dat dit ten koste zou gaan van de andere leerlingen, 2 procent verwacht dat de sfeer in de klas eronder te lijden heeft.