799375
Binnenland

Zorgen om islamofobie

Nederlandse moslims zijn steeds vaker het doelwit van islamofobie. De toenemende moslimhaat beperkt zich niet tot racistische en discriminerende uitlatingen. Ook het aantal geweldsincidenten neemt schrikbarend toe.

Hiervoor waarschuwt het Meldpunt Islamofobie en Discriminatie (MID). Het meldpunt verzamelt voorbeelden van islamofobische incidenten, om zo aandacht te vragen voor moslimhaat in Nederland. De meest recente incidentenlijst suggereert dat het aantal aanvallen tegen moskeeën in 2014 ruim is verdubbeld ten opzichte van een jaar eerder. Het aantal geweldsincidenten en racistische of discriminerende opmerkingen is in dezelfde periode zelfs meer dan verdrievoudigd.

Voorzitter Suleyman Celik van de Kuba moskee in IJmuiden kan hierover meepraten. De moskee heeft sinds haar oprichting in 1993 veertig aanvallen te voorduren gehad, waarvan vier in 2014. Van stenen door de ruiten tot varkenskoppen voor de deur: overal is aangifte van gedaan. „Om het probleem op te lossen, moet het eerst in kaart worden gebracht”, aldus Celik.

Maar Kuba vormt een uitzondering. „Lang niet ieder incident wordt gemeld”, zegt Marianne Vorthoren van koepelorganisatie SPIOR. Ze ziet veel struisvogelgedrag: „Mensen zijn bang om naar buiten te treden, uit angst om anderen op ideeën te brengen. Liever snel dat hakenkruis overschilderen en weer verder.”

Wie wel aangifte doet, doet melding van racisme of discriminatie: niet van islamofobie of bijvoorbeeld antisemitisme. Het is Gokhan Genc van de MID een doorn in het oog: „In aangiftes wordt hooguit in de kantlijn verwezen naar afkomst of geloof. Hierdoor kan het probleem maar moeilijk worden aangepakt.” Zolang hiervoor geen aandacht is, keren moslimjongeren zich af van de maatschappij, verwacht hij: „Ze hebben het gevoel dat zij en hun problemen niet serieus worden genomen.”

Incidenten gericht tegen specifieke groepen zoals homoseksuelen en joden, worden na aangifte bij de politie intern geregistreerd. Hetzelfde gebeurt sinds enige tijd nu ook met soortgelijke aangiftes vanuit de moslimgemeenschap, zegt Remco Volman van de Nationale Politie. De eerste cijfers hierover worden in juli verwacht.

De registratie hiervan kent nog wel wat haken en ogen. „Een hakenkruis”, zegt Vorthoren, „wordt geregistreerd als antisemitisme. Ook wanneer deze op een moskee staat geklad.” Daarnaast lopen afkomst en geloof door elkaar heen. Wie vanwege zijn Marokkaanse naam niet wordt uitgenodigd voor een sollicitatie, wordt gediscrimineerd, maar het is geen moslimhaat. Ook godsdienstkritiek is niet per definitie strafbaar.

De incidentenlijst van het MID is volgens Genc slechts het topje van de ijsberg: „Onze lijst is slechts een fractie. Wij hebben voornamelijk contact met moslims van Turkse en Marokkaanse komaf. Dit zijn de bevolkingsgroepen die het meest worden aangevallen. Helaas is het voor ons nu nog onmogelijk om het hele probleem in kaart te brengen.”