Nieuws/Binnenland
817819
Binnenland

Werk Annie M.G. Schmidt nog springlevend

De Nederlandse boekenwereld staat deze week in het teken van een van sympathiekste iconen uit de Nederlandse literatuur: Annie M.G. Schmidt. Twintig jaar na haar dood is haar werk nog altijd springlevend.

Tijdens de Annie M.G. Schmidt-week vieren we de avonturen van Jip, Janneke, Pluk van de Petteflet, Floddertje, Abeltje, Otje en vele anderen. Een ode aan ‘de koningin van het Nederlandse light verse’. „Over honderd jaar zullen er nog altijd mensen zijn die haar gedichten prachtig vinden”, zegt redacteur Dik Zweekhorst.

„Ik denk dat Schmidt een heleboel mensen heeft bevrijd”, zegt Zweekhorst, redacteur Kinderboeken bij Querido, uitgeverij van de jeugdliteratuur van Schmidt. „Dat is een van de dingen die haar zo bijzonder maakt. Haar werk was in de jaren vijftig en begin jaren zestig als een raam dat open ging in een muffe, donkere kamer.”

De naoorlogse burgertruttigheid was Schmidt een doorn in het oog. Zachtjes, met genoegen, schopte ze tegen de schenen van de verzuilde samenleving. Zweekhorst: „Het leven was stijf, de taal was stijf en muf. Schmidt schreef werkelijk overal over op een hele vrije manier. En haar taalgebruik was verfrissend helder en normaal.”

Smeerkees

Haar versjes, elke week in Het Parool, boden kinderen een klein verzetje. Wie kent niet de ondeugende zinnetjes als „Doe nooit wat je moeder zegt, dan komt het allemaal terecht” en „Dat is alles wat ik wil. En als ze kwaad zijn, zeg ik ‘bil!’”; of de boeken over het vieze meisje Floddertje en haar hondje Smeerkees.

„Ik houd helemaal niet van kinderen”, sprak ze ooit in een interview. Ze was niet iemand die op haar knieën ging zitten en de lezertjes met een zachte stem in slaap suste. „In haar hoofd is ze zelf altijd kind gebleven”, zegt Zweekhorst. Ze gaf het zelf toe, in een interview, toen ze zei dat ze eigenlijk nooit ouder dan acht is geworden. „Waarschijnlijk was het daarom dat ze zo goed door had wat kinderen spannend en interessant vinden.”

Geen mierzoete verhaaltjes. Ze wilde kinderen niet behoeden voor een moraal, maar legde deze er liever niet dik bovenop. „Pluk van de Petteflet wilde de wereld beter maken”, legt Zweekhorst uit. „Hij pakt milieuvervuiling aan en redt een kakkerlak en een krullevaar. Schmidt maakte grote problemen behapbaar voor de jeugd. In het klein, maar zeker zichtbaar.”

Tragiek

„Binnen werd een moord gepleegd. Sebastiaan is opgeveegd.” Het hoefde dan ook heus niet altijd goed af te lopen, in de versjes van Schmidt. „Oh ja, ze was dol op een zekere tragiek”, zegt Zweekhorst. „De Spin Sebastiaan is een diep tragisch verhaal.” Toch was Schmidt bij uitstek in staat tragiek weg te lachen. „Ze nam niets volledig serieus. Alles werd gerelativeerd en ze vond dat je nergens automatisch respect voor moest hebben.” De koning, de koningin, de burgemeester: elke autoriteit kwam in haar versjes wel aan bod. „En het werden allemaal weer gewone mensen.”

Ook zichzelf nam ze niet al te serieus. Toen haar gedichten in 1985 gebundeld werden, zei Schmidt zich te voelen als „een bejaarde hoer die plotseling op visite mag bij de streng calvinistische familie”. Zweekhorst spreekt haar maar al te graag tegen. „Het zijn kinderversjes, geen grote romans, maar Annie M.G. Schmidt is zo bijzonder: dat is wel degelijk literatuur.”

Speciaal voor de Annie M.G. Schmidt-week bundelde Querido de mooiste dierenteksten en -versjes van Schmidt in het boek ‘De geit van dokter Sanders’.