Nieuws/Binnenland
819464538
Binnenland

’Omverhalen beelden helpt niet in discussie’

Op een standbeeld van Jan Pieterszoon Coen werd in 2011 een plaquette toegevoegd, met uitleg over het leven van de vierde gouverneur-generaal van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC).

Op een standbeeld van Jan Pieterszoon Coen werd in 2011 een plaquette toegevoegd, met uitleg over het leven van de vierde gouverneur-generaal van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC).

DEN HAAG - Het is goed dat er een discussie op gang komt over institutioneel racisme en discriminatie, maar het helpt daarbij niet als mensen standbeelden van controversiële historische figuren omverhalen. Dat vindt minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap).

Op een standbeeld van Jan Pieterszoon Coen werd in 2011 een plaquette toegevoegd, met uitleg over het leven van de vierde gouverneur-generaal van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC).

Op een standbeeld van Jan Pieterszoon Coen werd in 2011 een plaquette toegevoegd, met uitleg over het leven van de vierde gouverneur-generaal van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC).

„De geschiedenis verandert niet, maar het is wel belangrijk die geschiedenis meerstemmig te maken”, aldus van Engelshoven. „En te laten zien dat helden ook een ander verhaal hadden.”

De minister wijst naar het voorbeeld van Hoorn, waar bij een standbeeld van Jan Pieterszoon Coen in 2011 een plaquette werd toegevoegd, met uitleg over het leven van de vierde gouverneur-generaal van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC).

Daarmee wordt gezegd „deze man was een held, maar heeft ook wandaden op zijn geweten. Soms helpt het op die manier de discussie te voeren.”

Of het terecht is dat Jan Pieterszoon Coen op een sokkel staat in Hoorn, daar laat Van Engelshoven zich niet over uit. „Dat moet men ter plaatse uitmaken. Maar met het weghalen van een beeld verander je de geschiedenis niet.”

„Ik ga niet over welke beeld in welke gemeente staat. Maar ik denk dat overal moet worden gekeken hoe die meerstemmigheid tot uiting kan komen.”