Nieuws/Buitenland

Armenië wil 'normale relatie' met Turkije

Alle spanningen tussen de landen ten spijt wil Armenië werken aan een normale relatie met Turkije. Die wens sprak de Armeense president Serzh Sargsyan woensdag uit, twee dagen voor de herdenking van de genocide op de Armeniërs in 1915.

Vredesgesprekken tussen de buurlanden liepen in februari vast, toen Sargsyan de Turken ervan beschuldigde niet de politieke wil te hebben om naar vrede toe te werken. Nu komt Sargsyan schijnbaar op zijn woorden terug. „Uiteindelijk moeten we een normale relatie met Turkije krijgen en dat zou moeten worden bereikt zonder enige randvoorwaarden.”

Waar vrijdag de moord op de Armeniërs wereldwijd wordt herdacht, plande Turkije een herdenking van het begin van de slag om schiereiland Gallipoli, een belangrijke slag tijdens de Eerste Wereldoorlog. Die viel samen met het begin van de vervolging van Armeniërs in Istanbul, toen nog de hoofdstad van het Ottomaanse Rijk. Sargsyan noemde die planning van de Turken afgelopen januari „cynisch en kortzichtig”.

Turkije en Armenië hebben een eeuw na dato nog steeds ruzie over de vraag of tijdens de oorlog genocide (volkerenmoord) is gepleegd op de Armeniërs, die destijds onder het gezag van het Ottomaanse Rijk vielen. Vaststaat dat honderdduizenden Armeniërs om het leven kwamen door geweld, honger en deportaties naar de woestijn.

Turkije wil echter niet van genocide spreken en schat ook het aantal slachtoffers veel lager in dan Armenië. Veel westerse parlementen, waaronder het Nederlandse, hebben officieel vastgelegd dat wat hen betreft wel degelijk sprake was van volkerenmoord.