Nieuws/Binnenland

AIVD voorkwam meerdere aanslagen

Meerdere plannen voor terreuraanslagen in Nederland zijn verstoord vorig jaar door tijdig ingrijpen van de geheime dienst AIVD en andere overheidsinstanties.

Dit schrijft de dienst in haar vanmiddag gepresenteerde jaarverslag.

De dreiging kwam niet alleen van teruggekeerde Syriëgangers, maar „ook van in Nederland verblijvende jihadisten die niet de intentie hebben om uit te reizen”. De plannen voor aanslagen waren in beginstadia, aldus een woordvoerster.

'Honderden jihadisten'

Hoe groot het aantal jihadisten in Nederland is, is moeilijk te schatten, maar de AIVD gaat uit van een harde kern van „enkele honderden, plus nog eens „enkele duizenden sympathisanten”.

De AIVD zegt „diverse onderzoeken” te hebben verricht naar aanslagdreigingen: „Op basis daarvan zijn verschillende plannen voor het plegen van aanslagen onderkend en konden dreigingen door ingrijpen van de AIVD dan wel door mobilisatie van partners worden afgewend.”

Daarnaast zegt de AIVD veel werk te hebben aan soms jarenlange onderzoeken naar terreurplannen van groepen als kern-Al-Qaeda. Over dergelijke dreigingen schreef de dienst vorig jaar 420 rapportages, waaronder zestig geheime ambtsberichten over specifieke personen.

Dreiging

Niet alle terugkeerders vormen per definitie een dreiging, aldus de dienst: „Een deel van de terugkeerders in Nederland is teleurgesteld over wat ze hebben gezien en meegemaakt in Syrië. Het romantische beeld van glorieuze gevechten tegen de 'ongelovigen' blijkt in de praktijk heel anders. Bij aankomt in Syrië wordt namelijk gekeken of de nieuwe rekruten wel geschikt zijn om te vechten. Dat is niet altijd het geval en sommigen worden dan ook belast met eten koken of het huis van hun medestrijders schoonmaken. Dit maakt het vertrek naar Syrië ineens een stuk minder heroïsch. Sommige meisjes en jonge vrouwen die in Syrië zwanger zijn geraakt, constateren dat de medische zorg in Nederland beter is en keren terug om hier te bevallen.”

Een echt eenduidig profiel van jihadisten bestaat volgens de geheime dienst niet, behalve dat de meesten een Marokkaanse achtergrond hebben, en een aantal een strafblad heeft in Nederland: „Maar er zitten ook Nederlandse bekeerlingen onder en jihadisten van ondermeer Surinaamse, Turkse of Antilliaanse afkomst. Sommigen zijn hoog opgeleid, anderen hebben hun middelbare school niet afgemaakt. Doorgaans is de religieuze kennis die de meeste jihadisten van de islam hebben oppervlakkig en uitsluitend gebaseerd op bronnen die een uiterst radicale en gewelddadige interpretatie van de islam voorstaan. Geweld staat centraal en dat sluit vooral aan bij de belevingswereld van personen met criminele antecedenten die zich ook onder de jihadgangers bevinden.”

Terugkomst

De geheime dienst wijst nadrukkelijk naar de salafistische predikers en moskeeën in Nederland als voedingsbodem voor jihadisme. „In de praktijk blijkt dat volgelingen van salafistische predikers zijn vertrokken naar Syrië om zich daar bij de jihad aan te sluiten. Andersom zoeken sommige terugkeerders uit Syrië na terugkomst in Nederland direct weer contact met de salafistische moskeeën die ze vóór vertrek ook al bezochten.”

Jihadisten gebruiken ook meer en meer internet als wapen: „IS-leden organiseren hacklessen voor de achterban en rekruteren hackers. Vooralsnog zijn er geen aanwijzingen dat terroristische groeperingen via digitale aanvallen in Nederland toegang hebben gekregen tot vertrouwelijke informatie dan wel digitale of fysieke infrastructuren gesaboteerd hebben. In terroristische kringen bestaan wel plannen om met digitale aanvallen creditcard- en bankgegevens te verkrijgen en zodoende fondsen te werven voor de jihad.”

Tot nu toe beperken de digitale aanvallen van moslimextremisten zich tot relatief eenvoudige aanvalsmethoden zoals het DDos-aanvallen, waarmee sites worden platgelegd en ’defacements’, waarbij propaganda wordt vertoond op gehackte websites.