Nieuws/Binnenland
847355
Binnenland

'Geen kommer en kwel op Nederlands spoor'

Terwijl gedupeerden van de treinreizigers op overvolle stations wachten om ze zich een keer in een bus te kunnen proppen om nog op hun werk te kunnen komen, probeert Bert van Wee, hoogleraar Transportbeleid aan de TU Delft, enige nuance aan te brengen in het beeld dat nu van van ons spoor is ontstaan. Want zo erg is het allemaal niet in Nederland, vindt Van Wee. „Ja, er was vorige maand een storing en nu weer. Maar daartussenin heb je als reiziger toch algauw twintig probleemloze reizen gehad.”

Als je het Nederlandse treinverkeer en spoornetwerk internationaal vergelijkt, komen meestal alleen Zwitserland en Japan als beter naar voren. „Dat laat zien dat er wereldwijd helemaal niet zoveel landen zijn die het beter doen dan Nederland”, aldus Van Wee.

Het Nederlandse spoornetwerk is ingewikkeld en druk bereden. Dat maakt het kwetsbaar. Verder is er een aantal belangrijke knooppunten, zoals Utrecht Centraal, waar maandag nauwelijks treinen rijden doordat er een bovenleiding brak. „Het is de meest centrale locatie. Zodra daar iets mis gaat, bestaat het risico dat je het over een groot deel van het netwerk voelt.”

Duidelijk is dat het af en toe flink fout gaat op het spoor. Spoorbeheerder ProRail, vervoersbedrijf NS en de reiziger zelf kunnen volgens de hoogleraar heel wat doen om storingen en ergernis te voorkomen of te verminderen. ProRail moet volgens Van Wee investeren in duurdere, betere wissels, te beginnen bij Utrecht. „ProRail wilde deze wissels niet aanleggen omdat dat te duur zou zijn. Maar het hoeft ook niet meteen in het hele land, begin bij Utrecht, dáár zijn die wissels rendabel.” Rondom drukke spoorplekken zouden bijvoorbeeld ook bovenleidingen eerder moeten worden vervangen.

NS zou op zijn beurt nog betere informatie kunnen leveren aan zijn klanten. „Iedere euro die NS daaraan uitgeeft, is beter besteed dan dat er een extra knooppunt wordt aangelegd om Utrecht te ontlasten.” Van Wee wijst erop dat er al heel veel is verbeterd in de informatievoorziening, sinds de reisplanner op internet het papieren spoorboekje heeft vervangen.

De reiziger zelf kan door middel van die reisplanner veel beter voorspellen hoe zijn reis zal verlopen. „Abonneer je op alerts.” Daarbij kan in veel gevallen een probleem op het spoor omzeild worden. „Realiseer je dat er alternatieven zijn en dat je niet altijd via een druk spoorknooppunt als Utrecht hoeft te reizen.”