Nieuws/Buitenland
847691890
Buitenland

Ingenieur wees in 2018 al op schade aan ingestort gebouw Florida

MIAMI (FL) - Drie jaar voordat het Champlain Towers South-appartementencomplex vlak bij Miami, Florida, instortte, heeft een ingenieur al gewaarschuwd voor ’grote structurele schade’ aan het gebouw. Het ging volgens een door de New York Times ingezien rapport onder meer om schade aan het betonnen fundament onder het zwembad en een overvloed aan barsten en afbrokkeling van de pilaren, balken en muren van de parkeergarage onder het 13 verdiepingen tellende complex.

De schade is vermoedelijk veroorzaakt door jarenlange blootstelling aan de zoute zeelucht langs de kust van Zuid-Florida.

De ingenieur, Frank Morabitoa, drong destijds bij het management van het gebouw aan op spoedige reparaties. In de nacht van woensdag op donderdag, vlak voordat de eerder geadviseerde reparaties zouden plaatsvinden, stortte het appartementengebouw in. Sindsdien zijn tussen het puin vier lichamen aangetroffen. 159 mensen zijn nog altijd vermist.

Onderzoekers hebben de oorzaak van de instorting nog niet kunnen vaststellen, mede omdat er nog geen volledige toegang tot de rampplek is, waar reddingsploegen nog volop zoeken naar overlevenden. Experts verwachten dat het onderzoek naar de oorzaak van de instorting nog maanden kan duren. De reddingsoperatie is twee dagen na de ramp nog steeds in volle gang.

De honderden reddingswerkers moeten volgens The Washington Post uitermate zorgvuldig te werk gaan. Het blussen van brandjes of zelfs het verplaatsen van puin kan leiden tot nieuwe verschuivingen in de restanten van het woongebouw. Dat kan slecht aflopen voor mensen die mogelijk nog bekneld zitten. Het lukte hulpverleners om 35 mensen te redden die relatief eenvoudig te bereiken waren. De zoektocht richt zich nu op het vinden van mensen die dieper onder het beton en metaal liggen.

Een voormalige brandweerchef vertelt The Post dat reddingswerkers met „chirurgische precisie” grote stukken beton weghalen. Ze hopen open ruimtes in het puin te vinden met nog levende slachtoffers. Daarbij wordt een beroep gedaan op gespecialiseerde speurhonden. Ook kunnen kleine camera’s worden gebruikt om tussen het puin te kijken en is er apparatuur waarmee een menselijke hartslag kan worden waargenomen.

De zoektocht is niet alleen een race tegen de klok, maar ook een strijd tegen de omstandigheden. De reddingswerkers stonden vrijdag eerst in de brandende zon en kregen vervolgens te maken met zware regenbuien. Daardoor waren maatregelen nodig om te voorkomen dat delen van de rampplek onder water zouden lopen. Zaterdag werden de reddingswerkzaamheden juist weer bemoeilijkt door smeulend vuur, dat dusdanig veel rook veroorzaakte dat het moeilijk was voor de brandweerlieden om het hart van de brand te lokaliseren.