Nieuws

Parijs: walhalla voor de antiekliefhebber

Een opgezette zebra, een loodzware vliegtuigturbine of een vintage Diorjurk: wie een afwijkend verlanglijstje heeft, moet op de Marché aux Puces vlak buiten Parijs zijn. In de honderden stalletjes op de grootste vlooienmarkt ter wereld is werkelijk álles te vinden. Een gids is daarom geen overbodige luxe.

Het is een klassieke fout. Wie met metrolijn 4 uit Parijs komt, stapt voor de vlooienmarkt uit op eindstation Porte de Clignancourt. Eenmaal boven de grond doemt de brug die de rondweg om de stad draagt, al op. Wie naar de vlooienmarkt wil moet eronderdoor, maar menigeen denkt dat hij er bij de kraampjes met sjofele trainingsjasjes, bakken vol wasknijpers en goedkope shampoo al is.

„Ontzettend zonde”, verzucht gids Danielle Pelletier, „want de echt mooie spullen zijn pas verderop te vinden.” De Marché aux Puces ligt namelijk in het Parijse voorstadje Saint-Ouen, na de ‘markt vóór de markt’ en de duistere types die onder de périphérique gloednieuwe smartphones verkopen.

Marché aux Puce

Pelletier werkt sinds een paar jaar voor Antiques Diva, een bedrijf dat antiektours door heel Europa aanbiedt. Voor het grootste aanbod moeten liefhebbers echter in Franse Saint-Ouen zijn: de Marché aux Puces beslaat maar liefst vijftien markten.

Op een koude februarimorgen – verkopers die geen winkelpand maar een garageachtig onderkomen hebben, houden zich warm met dikke jassen, straalkacheltjes en glazen wijn – geeft Pelletier een rondleiding over de markt.

De ’antiekdiva’s’ bieden uitkomst voor verzamelaars die op zoek zijn naar een specifiek Louis XIV-kastje, Baccarat-kristal of – waarom ook niet – een Chanelriem voor hun hond. „Ik heb ook veel klanten die hier komen voor hun werk, omdat ze een restaurant, appartement of een filmset moeten inrichten”, zegt Pelletier. „Het is hier zo ontzettend groot, dat je zonder hulp al snel verloren loopt.”

 

Waanzinnige meubels

„In één dag kun je lang niet alles zien”, zegt de Française. „Maar ik neem mijn klanten sowieso mee naar mijn twee favorieten: de Marché Serpette en de Marché Paul Bert. Ook als je niet per se komt om te kopen, zijn hier de meest waanzinnige meubels, juwelen en kleren te zien. Beide markten ken ik op mijn duimpje, ik kom hier zelf al jaren. Ik spaar onder andere glaswerk, maar heb de uitbreiding van de collectie noodgedwongen stilgelegd. Mijn huis barst uit zijn voegen.”

De Marché Paul Bert dateert van vlak na de Tweede Wereldoorlog en heeft iets weg van een klein dorpje. De markt bestaat uit smalle laantjes met kleine winkelruimtes, maar ook enkele woonhuizen die zijn ingericht met koopwaar. Handelaren mogen hun spullen uitstallen in de woningen, maar moeten ook zorgen dat de huizen bemand worden. „Zo blijft het hier levendig en wordt het geen spookstad”, zegt Pelletier. In de jaren zeventig werd de Marché Serpette om Paul Bert heen gebouwd. Deze twee markten samen beslaan al 12.000 m².

 

Compote

„Mensen komen hier niet alleen voor de bijzondere sfeer en de mooie spullen”, zegt Pelletier, terwijl ze de deur van Bachelier Antiqitués opent. De kleindochter van oprichter François maakt zich er klaar voor de hausse aan zaterdagklanten. „Het zijn ook de prachtige verhalen die achter de objecten zitten. De Bacheliers, die hier antieke keukenspullen verkopen, zijn uitstekende connaisseurs.”

Ze pakt een aardewerken schaal die maar voor de helft af lijkt gemaakt. Een ’cuit de pommes’, volgens de verkoopster. „Het lijkt alsof er een hap uit is, maar omdat de bodem een halvemaanvorm heeft, kun je ’m tegen een ouderwetse kachel aanschuiven. Je legt er appels in die door de hitte van het haardvuur worden opgewarmd. De buitenkant blijft lekker knapperig, maar binnenin wordt het een compote.”

Vervolgens wijst Pelletier vragend naar een mandje dat aan het plafond hangt en met een katrol naar beneden gelaten kan worden. „Een ivoren bakje voor bestek. De gasten konden hieruit vroeger hun eigen couverts pakken”, luidt het antwoord. Pelletier knikt tevreden. „Voor dit soort verhalen kom ik hier.”

 

Albino-pauw

Ook in de antiekwereld bestaan modegrillen. Op dit moment storten liefhebbers zich bijvoorbeeld op opgezette dieren en curiositeiten, zoals schildpaddenhuisjes op een stokje, geplaatst op een sokkeltje. „Het ziet er pas echt fraai uit als je er een paar naast elkaar zet”, zegt de verkoper van de Marché Serpette, terwijl de schildjes zachtjes heen en weer wiegen op een voorbijkomende windvlaag. De schilden van de beestjes, die ooit in de wateren ten zuiden van Rusland en ten noorden van China zwommen, kosten tussen de 90 en 120 euro per stuk.

Even verderop ligt Colonial Concept, het rariteitenkabinet van François Danek. Deze handelaar verkoopt opgezette zebra’s, giraffen, een poema en een witte pauw. „Ook die beesten kunnen albino zijn”, zegt de verkoper. Het dier gaat voor een slordige 5000 euro van de hand.

Grootste antiekmarkt

Het is volgens Pelletier geen wonder dat de grootste antiekmarkt ter wereld in Frankrijk te vinden is. „Ons land telt vele grote families, die vaak een huis op het platteland hebben. Daarin kwamen ze samen voor bruiloften, familiefeesten en verjaardagen. Ze verzamelden er generaties lang de mooiste meubels, maar bijvoorbeeld ook veel servies. De grote collectie antiek in Frankrijk hangt samen met onze ’art de vivre’: we houden van urenlang eten aan fraai gedekte tafels. Daarbij kent ons land een grote handwerkindustrie, net als bijvoorbeeld Italië en Engeland.”

Vlak voor de lunch gaat Pelletier nog even langs bij haar kennis Philippe Lachaux, op een van de andere markten die ze van voor tot achter kent, de Marché Biron. In de lange gang waaraan de stallen liggen, klinkt zacht klassieke muziek. De Fransman koopt antieke wenteltrappen, die hij op maat maakt en installeert bij liefhebbers. Ze bewondert zijn nieuwste aanwinst: een kitscherige kroonluchter van enkele tienduizenden euro’s.

Onderweg naar de bistro zet ze hier en daar nog een lijntje uit voor een klant die per se een lage tafel van de Italiaanse ontwerper Gio Ponti wil hebben. „Geld speelt geen rol”, zegt ze tegen de verkopers, die het verzoek enthousiast noteren.

Reiswijzer Parijs

Vanuit Amsterdam Centraal bent u met de Thalys in drie uur en twintig minuten op het Gare du Nord in Parijs.

Om vervolgens op de Marché aux Puces te komen, stapt u over op metrolijn 4, en uit op eindstation Porte de Clignancourt. Ook het eindstation van lijn 13

(Garibaldi) ligt op loopafstand van de vlooienmarkt. Meerdere markten hebben hun ingang aan de Rue des Rosiers in Saint-Ouen: Serpette op nummer 96-110, de Marché Vernaison op nummer 99 en de Marché Biron op 85. Let op, de markten zijn alleen op zaterdag, zondag en maandag open voor publiek.

Voor openingstijden en adressen: www.marcheauxpuces-saintouen.com

Betaalbare deurklinken

Het aanschaffen van antiek vereist doorgaans een aanzienlijk budget, maar op de Marché Vernaison – genoemd naar de weldoener die de verkopers iets meer luxe dan een kleedje op straat gunde en stalletjes liet bouwen – liggen de prijzen laag. Hier vindt u voor schappelijke bedragen sieraden, ouderwetse deurklinken en oude landkaarten.

Ook voor wie weinig te besteden heeft, biedt de Marché aux Puces een dag vertier. Veel Parijzenaars steken in het wekend de périphérique over om over de markten te struinen en van de ongedwongen ambiance te genieten.

Begin de dag met een espresso bij ’Ma cocotte’, het door Philippe Starck ingerichte restaurant bij Paul Bert/Serpette (106 Rue des Rosiers). Eindig bij jazzcafé Django Reinhardt (verderop, op nummer 122) voor een borrel. In de nabijheid van de markten liggen bistro’s genoeg voor een warme lunch of een broodje.

Antiques Diva

De Amerikaanse Toma Clark Haines, antiekdiva en geschiedenisfanaat, kwam vijftien jaar geleden naar Parijs. In 2008 richtte ze The Antiques Diva op, inmiddels Europa’s grootste antiektour8aanbieder. Ze heeft gidsen in Engeland, Scandinavië, Italië, Frankrijk, België, Nederland en Duitsland.

The Antiques Diva biedt tours op maat aan, de grootste clientèle bestaat uit verzamelaars die specifieke stukken zoeken. Acht uur lang op pad met een diva met twee personen kost 500 euro. U wordt opgehaald in uw hotel en ook weer afgezet.

In Frankrijk gaan de diva’s niet alleen naar de Marché aux Puces, er zijn ook tours naar de antiekmarkt in Versailles en vintage Chaneltours door de stad. Meer informatie is te vinden op www.antiquesdiva.com