Nieuws

VOLVO OCEAN RACE

De strijd tegen zeeziekte

Brunel’s Onboard Reporter Stefan Coppers is behoorlijk gevoelig voor zeeziekte. Mensen die zeeziek zijn voelen zich doodziek en willen zo snel mogelijk op de wal staan.

In het geval van Stefan Coppers is dat lastig. De boomlange Nederlandse mediaman heeft diverse handigheden om de duur van deze bewegingsaandoening - door artsen ook wel kinetose genoemd - zo kort mogelijk te houden.

“Als ik de gouden tip wist, zou ik niet zeeziek zijn,” lacht Stefan Coppers. “Er is niet echt een remedie voor zeeziekte. De één is er gevoelig voor en de ander niet. In ons team zitten jongens die met zwaar weer zonder problemen onderdeks kunnen werken en leven. Daarentegen zijn Pablo Arrarte en ik extreem gevoelig voor zeeziekte.”

“Ik gebruik speciale reisziekte pillen. Deze zogenaamde cyclizine tabletten werken redelijk goed. Je moet ruim drie dagen voor vertrek beginnen met slikken, want je lichaam moet wennen aan de cyclizine. Nadat je de eerste pil ingenomen hebt, val je bijna om van de vermoeidheid. De dagen daarna went je lichaam en verdwijnt de vermoeidheid. Daarnaast heb ik gehoord dat je een propje in je oren moet stoppen of veel vitamine C moet slikken om de kans op zeeziekte te verminderen. Die laatste tip vond ik op de website van de Koninklijke Nederlandse Reddingsmaatschappij. Volgens de KNRM verlaagt een dosis van 2000 milligram vitamine C per dag de kans op zeeziekte aanzienlijk. Ondanks het slikken van de pillen en het toepassen van de bovengenoemde alternatieve middelen blijft voor mij de kans bestaan dat ik ziek wordt.”

“Als je eenmaal zeeziek bent is het goed om veel te drinken, ook als je geen dorst hebt, want door het vele overgeven droog je snel uit. Tevens is het verstandig om te blijven eten en dan het liefst een droog koekje dat het maagzuur opneemt. Het is ook belangrijk dat je altijd iets te doen hebt, maar voorkom zintuig actieve activiteiten zoals lezen. Warm aankleden en in de frisse lucht aan dek naar de horizon staren werkt ook goed.”

“Ik ben over het algemeen een halve dag ziek en een halve dag onwennig. Daarna ben ik ingeslingerd en word ik vrijwel niet meer ziek. Met deze etappe zal vermoedelijk iets anders verlopen, omdat het venijn hier in de staart zit. Tijdens de laatste zes dagen van de komende ‘leg’ zullen we namelijk alleen maar aan de wind zeilen. Dat wordt lekker tegen de golven in beuken. Ik vermoed dat Pablo en ik niet ongeschonden uit te strijd zullen komen.”