904198
Nieuws

Later sterven berooft gezin terminaal zieke

Voor een terminaal zieke man wordt oudejaarsdag een kritische datum. Als hij ná 31 december overlijdt, krijgen zijn nabestaanden jaarlijks 15.000 euro minder. Dat is een bitter gevolg van de nieuwe pensioenregels die staatssecretaris Klijnsma doorvoert.

De betrokken patiënt (een man van begin vijftig met vergevorderd stadium van kanker) is verbijsterd over de gang van zaken. Hij noemt de wetgeving „verwerpelijk’’. De man, die zijn naam niet in de media wil, vreest dat hij niet snel genoeg zal overlijden: „Er is geen enkele overgangsbepaling waardoor het ook niet mogelijk is om maar iets te repareren voor mijn nabestaanden.’’

De krankzinnige situatie dat de man uit financieel oogpunt vóór de oliebollen van oudjaar zou moeten overlijden, is ontstaan door het nieuwe pensioenstelsel. In dat stelsel is onder meer vastgelegd dat via de pensioenfondsen alleen een pensioen mag worden opgebouwd over een loon tot 100.000 euro bruto per jaar.

Het nabestaandenpensioen (voor de partner en kinderen die achterblijven) is gebaseerd op het ouderdomspensioen dat bereikt wordt als iemand blijft leven en doorwerkt. De partner krijgt 70 procent van het ouderdomspensioen. Maar nu opeens het ouderdomspensioen op een loon van 100.000 euro is gemaximeerd, valt het nabestaandenpensioen veel lager uit.

Iedereen die deelnemer is van een pensioenfonds krijgt jaarlijks het Uniform Pensioenoverzicht waarin staat hoeveel ouderdomspensioen én hoeveel nabestaandenpensioen er is.

Wetgeving komt te laat

De getallen in de brief met het pensioenoverzicht kloppen nu niet meer voor de inkomens vanaf 100.000 euro. Naar schatting betreft die 150.000 gezinnen.

Het grote probleem is dat de wetgeving die dit alles moet regelen nog niet klaar is. Op zijn vroegst komen de precieze regelingen ergens in december beschikbaar. Verzekeraars kunnen niet vóór 31 december al de gezinnen die dit risico willen bijverzekeren helpen. Voor veel gezinnen is bijverzekeren nodig omdat hun uitgaven (zoals hypotheek) zijn gebaseerd op de beloften uit het Uniform Pensioenoverzicht.

De echtgenote van de uitbehandelde patiënt zal binnenkort weduwe zijn en zal achterblijven met de zorg voor hun twee kinderen. Zij is verdrietig en boos tegelijk: „Hij kan er niets aan doen dat hij ziek geworden is, maar ik zou graag willen houden wat in een pensioenoverzicht altijd is aangegeven. Dit is onbetrouwbare wetgeving en een dito overheid.’’