Nieuws/Binnenland

Opstelten: onderzoek naar moslimgroep

Minister Ivo Opstelten (Veiligheid en Justitie) is vooralsnog niet van plan om de radicale islamitische beweging Hizb ut Tahrir in Nederland te verbieden. Het CDA heeft daar om gevraagd. Volgens de minister is er geen aanleiding om dat nu te doen, maar hij is wel bereid een onderzoek in te stellen naar de groepering, zei hij donderdag in een debat over jihaddisme en extremisme.

Verder spreekt Opstelten tegen dat de overheid heeft zitten slapen met de aanpak van radicalisering. Volgens hem is de bestrijding geïntensiveerd toen in maart vorig jaar het dreigingsniveau werd verhoogd naar substantieel. De oppositie verwijt het kabinet nu plotseling met allerlei maatregelen op de proppen te komen die bovendien merendeels al bestaand beleid zijn. D66-leider Alexander Pechtold spreekt van paniekvoetbal.

Maar volgens de minister had hij al toegezegd dat er een actieplan zou komen maar is de verschijning daarvan door de opkomst van IS deze zomer iets naar voren gehaald. Er liepen volgens hem ook al tal van onderzoeken naar opkomend extremisme en is er al langer overleg gaande met experts en gemeenten die met deze problematiek kampen. Hij noemde naast de vier grote steden ook Gouda, Zoetermeer, Huizen en Arnhem.

Opstelten lichtte toe dat het kabinet alleen paspoorten zonder rechterlijke tussenkomst wil ontnemen als het gaat om een „keiharde terrorist”. Dat is iemand die lid is van een door de EU gesignaleerde terroristische organisatie. De maatregel is bedoeld om te voorkomen dat jihadgangers terugkeren naar Nederland. Opstelten wees er op dat in zo'n geval spoed is geboden. Dan is er geen tijd voor een rechterlijke procedure. Tegen het ontnemen van het Nederlanderschap is wel altijd juridisch beroep mogelijk, onderstreepte Opstelten.

Een deel van de oppositie heeft grote twijfels over dit plan.