Nieuws/Binnenland

Kamer en minister oneens over Friese molen

De Tweede Kamer en minister Jet Bussemaker (Cultuur) blijven het oneens over de status van de herbouwde molen in het Friese Burum. Een grote meerderheid van VVD, PvdA, CDA, SP en D66 wil dat de molen niet van de Rijksmonumentenlijst wordt afgevoerd. De circa 2 eeuwen oude molen brandde 2 jaar geleden af en werd volledig herbouwd met nieuwe materialen.

Daardoor is de molen volgens Bussemaker een replica geworden. Als de molen wel wordt erkend als rijksmonument, dan schept dat volgens haar een precedent voor soortgelijke gevallen. „Dan komen we op een hellend vlak. Het kan grote gevolgen hebben voor andere molens of bouwwerken die herbouwd worden”, waarschuwde ze maandag tijdens een Kamerdebat. Rijksmonumenten genieten bescherming van de overheid en er kan subsidie komen voor de restauratie.

Bussemaker snapte de emoties van de gemeente Burum, de inwoners en de eigenaar. Tegelijk benadrukte ze dat ook de gemeente zelf de nieuwe molen een beschermde status kan geven. Ze vroeg de Kamer de motie die de VVD op dit punt heeft ingediend, aan te houden tot een debat volgend jaar over het erfgoed in Nederland. „Dan kunnen we een principieel besluit nemen.”

De Kamer zag het precedent niet zo en wees erop dat in Burum sprake is van een unieke situatie, door de werking van de maalinrichting en door de bijzondere omgeving. Dat mag dan ook een unieke afweging krijgen, vindt de VVD. De PvdA zei dat wel degelijk gespaard gebleven hout en metaal is herbruikt in de molen. De fracties verwezen verder naar de Raad voor Cultuur die een positief advies gaf over herplaatsing op de lijst.

Bussemaker raadpleegde zelf een „gepassioneerde molendeskundige” van de overheid. Ze liet zich ervan overtuigen dat de karakteristieke molen niet meer bestaat. „De ziel is eruit. Bij Rijksmonumenten gaat het om de authenticiteit. Dat is hier niet meer het geval.”