Nieuws/Buitenland

Zoon Bouterse bekent schuld in Hezbollah-zaak

Dino Bouterse (41) heeft vrijdag in een rechtbank in New York een gedeeltelijke schuldbekentenis afgelegd. Hij bekende samenzwering om de Libanese terreurorganisatie Hezbollah te steunen, en de smokkel van 10 kilo cocaïne. Volgens Amerikaanse aanklagers is de zoon van de president van Suriname ook verantwoordelijk voor wapenhandel.

Het is in de VS gebruikelijk dat verdachten een gedeeltelijke bekentenis afleggen in ruil voor strafvermindering. Daarover worden afspraken gemaakt tussen aanklagers en verdediging. Wat precies in de 'deal' van Bouterse staat, is nog onduidelijk.

Volgens de aanklacht kwamen op 1 februari 2013 twee infiltranten van de Amerikaanse drugsbestrijdingsdienst DEA op bezoek bij Dino in Suriname. Zij gaven zich uit voor Mexicaanse drugshandelaren. In dit gesprek gaf Bouterse jr. aan dat hij hen kon ,,faciliteren'' bij drugssmokkel en het kopen van wapens.

In juli praatte Bouterse een paar keer met Amerikaanse undercoveragenten over het opzetten van een Hezbollah-basis in Suriname. Daarop reisde hij naar Griekenland om met de aangewezen contacten concrete plannen te maken. De vermeende Hezbollahbaas vertelde dat zijn organisatie tegen de Amerikanen vecht. ,,Je hebt ingestemd om onze jongens te ontvangen, zodat ze kunnen worden getraind en dat ze kunnen blijven voor later uit te voeren operaties. Ga je akkoord?'', vroeg de infiltrant. ,,Ja'', antwoordde Bouterse volgens de aanklacht.

Het zou gaan om een eerste groep van 30 tot 60 mensen. Er zou huisvesting en bewaking voor ze worden geregeld, liet Bouterse weten. Ook konden volgens hem valse paspoorten worden verstrekt. De undercoveragent vroeg of Dino Bouterse ook speciale wapens kon leveren zoals luchtdoelraketten, propellergranaten en explosieven. Dino: ,,Ik heb 2 maanden nodig. Dan kan ik je een lijst geven van wat we kunnen leveren.''

Dino Bouterse werd op basis van die infiltratieactie augustus vorig jaar op verzoek van de Amerikanen in Panama gearresteerd. Tijdens zijn eerste voorgeleiding in september 2013 verklaarde hij nog onschuldig te zijn.