Nieuws/Binnenland
936239
Binnenland

Homestay

Thuis bij de Thai

Er zijn een heleboel redenen om naar Thailand te gaan: de hagelwitte stranden, de fijne temperatuur, de paradijselijke eilanden en het bruisende Bangkok. Maar vooral de vriendelijke mensen. In een homestay slaap je (vlak)bij de mensen thuis en maak je deel uit van hun dagelijks leven.

’Kinderen uit Bangkok leren we hoe het er nou eigenlijk in ons land aan toe gaat en we hopen ook dat buitenlanders onze cultuur beter leren begrijpen”, legt Tirada Aekkaaonamchai uit. Ze is het hoofd van de Baan Rim Klong Homestay. Een soort leerboerderij waaraan een groot deel van de omringende gemeenschap een steentje bijdraagt. Met open armen worden we ontvangen. We verblijven tussen de gemeenschap in ons eigen huisje op palen en beleven de traditionele dagelijkse bezigheden.

Zo zien we hoe een elfjarig meisje in een kwartier een hoed van palmblad vlecht, hoe oma heerlijke traditionele toetjes maakt van palmsuiker gerold in smakelijk deeg en hoe opa soepeltjes via een bamboestok een hoge palmboom inkruipt om het suikerwater uit een afgehakte bloem in een fles op te vangen. Van werkelijk ieder onderdeel van deze boom wordt gebruikgemaakt.

Houten longtailbootje

Ik voel me een tikje schuldig als de oude bazen van de homestay ons ’s avonds in hun houten longtailbootje roeiend over de rivier vervoeren om de omgeving te tonen. Maar het uitzicht op deze lenige mannen die hun peddel ritmisch in de Klong Phie Log rivier scheppen, met op de achtergrond de ondergaande zon, geeft ook een sereen gevoel. Naast ons schieten kleine vleermuizen speels over het water. En voor de huizen en in de restaurantjes aan de kade spelen zich de mooiste tafereeltjes af. Monniken spreken na bouwwerkzaamheden de dag nog even door, jongeren knabbelen jolig aan hun gebarbecuede vlees en op een aangemeerd bootje staat een lekker muziekje aan.

Bij de huizen zo dicht aan de rivier, wordt duidelijk dat het water een groot deel uitmaakt van het leven van deze mensen. Kinderen nemen een duik, gezinnen dineren aan de rand van de rivier, die bijna hun huiskamer binnenstroomt, en via de trappetjes die in het water verdwijnen doen mensen de afwas, de was of ze wassen hun lichaam om kraanwater te besparen. Het vrolijke zwaaien van menig rivierbewoner maakt dat we ons geen pottenkijker voelen.

Duizenden vuurvliegjes

 

Het laatste stuk, waar veel minder mensen wonen, is magisch. In de stille duisternis lichten tientallen hangende bomen langs de bedding zachtjes flitsend op door de duizenden vuurvliegjes die erin huizen. Kalmpjes drijven we langs de subtiele lichtparade, die ons samen met de schommelende boot rustig klaar sust voor ons bed.

De volgende ochtend worden we goed uitgerust om half zes al wakker. In alle vroegte brengen we samen met de Thai een offer aan de monniken die langskomen en zo hun dagelijkse voedsel verzamelen. Hier gebeurt dat traditiegetrouw per boot. Dus lopen we naar de steiger, trekken we onze schoenen uit en buigen we voor de monnik in zijn bootje. Mij is verteld gewoon te doen wat de anderen doen. Dus vouw ik klunzig mijn handen samen voor mijn gezicht, buig ik steeds net ietsje te laat en zit ik net lekker in het ritme als ik voor de vierde keer naar beneden duik, terwijl de rest dan al is gestopt. We geven ons eten aan de fel oranje geklede, kale monnik die ons hierna zegent. Terwijl hij mooie woorden ten gehore brengt, denken wij aan alle mensen die goed voor ons zijn geweest en schenken we volgens de traditie water vanuit een glas in een bakje. Het water wordt, nadat de monnik is weg gepeddeld, bij de plantjes gegoten, want niks wordt verspild in deze mooie cultuur.

Brutale geiten en slome kamelen

Na het ontbijt stappen we weer in een longtailboot. Een gemotoriseerde dit keer. De bestemming is een tempel een half uurtje verderop, waar kinderen vrolijk blaadjes voeren aan brutale geiten, slome kamelen en bemodderde biggetjes. Maar de ware verrassing is de vierhonderd jaar oude Wat Bang Kung. Een klein betonnen tempeltje dat compleet is samengesmolten met de natuur, omdat deze helemaal is ingeworteld door de oeroude, heilige bodhi boom. De geur van wierookstokjes wasemt om het tempeltje heen. Binnen knielen mensen voor hun spiritueel leider, waarna ze geconcentreerd een plekje uitzoeken op het enorme, vriendelijke beeld achterin om hun blaadje goud op te plakken.

Kalmerende, onverstaanbare teksten galmen ondertussen uit de boxen buiten, waar kleine Boeddhabeeldjes verdekt tussen de wortels staan opgesteld en losgelaten blaadjes goud zachtjes uit de ramen waaien.

Bijna bekeerd keren we terug naar ons bootje. En of wij deze cultuur beter zijn gaan begrijpen!

Reiswijzer

Verschillende maatschappijen vliegen naar Bangkok, zoals China Airlines, KLM en Eva Air. Vanaf Bangkok kun je een één- of meerdaagse reis met Engelssprekende gids naar Amphawa boeken via Special Journey Co Ltd (www.specialjourney.nl).

Voor eventuele inentingen kun je het beste een aantal weken van tevoren met de GGD overleggen. In Thailand betaal je met de Thaise bath; 100 bath is zo’n 2 euro 25 waard.

Waterval

Niet ver van Amphawa ligt een stukje paradijs. De Sai Yoke Noi waterval is misschien wat betreft verbluffende stralen water niet zo bijzonder. Maar met alle schoon- en gezelligheid eromheen staat deze nu toch bovenaan ons lijstje. Menig subtropisch zwemparadijs zou hier jaloers op zijn. Kinderen rennen er over de glooiende lichtbruine rotsen tussen de stroompjes kraakhelder water door, hangen in opblaasbanden in het badje onderaan en laten de waterstralen onder luid geschater op hun koppies kletteren, terwijl hun ouders even verderop tussen de felgroene bomen een lekker plekje in de schaduw hebben opgezocht en van een picknick genieten. De waterval is vanaf het Sai Yoke Noi station gemakkelijk en voor weinig geld goed te bereiken met de overvolle busjes. Er schijnt echter niet altijd evenveel water te zijn, dus misschien is het handig daar eerst naar te informeren.

Dodenspoorlijn

Vanaf Amphawa breng je gemakkelijk een bezoekje aan Hellfirepass en de dodenspoorlijn. Een pijnlijk stuk geschiedenis dat niet mag worden vergeten. Hellfire pass is een beruchte bergdoorgang, die door krijgsgevangenen van Japanners onder afschuwelijke omstandigheden moest worden uitgehakt om een spoor aan te leggen tussen Thailand en Myanmar. Het indrukwekkende oorlogsmonument bevat een informatief museum waarin onder meer is te lezen dat ook ruim drieduizend Nederlanders omkwamen tijdens de aanleg van het beruchte spoor.

Een deel van de lijn wordt echter nog steeds gebruikt. Vanaf Nam Tok treinstation kun je de lokale trein nemen naar Thakilien. Een rit over de dodenspoorlijn van zo’n zestig minuten in een bijzonder treintje, dat zich ook schoorvoetend over het zogenaamde ’bamboeviaduct’ voort beweegt.

Palmbomen

De trotse mensen van de Baan Rim Klong Homestay laten graag zien wat ze allemaal van hun palmbomen kunnen maken. Ze vervaardigen bijvoorbeeld speeltjes en manden van de bladen, bloembakken en vogelhuisjes van de kokosnoten, en de vezels om olie uit te zee te absorberen. Van de takken uit de bloem maken ze palmsuiker. Zo zie je hoe een oude baas, die nota bene zijn eigen vader heeft verloren door een val uit een palmboom, soepeltjes via een paar sprietjes aan de zijkant van een lange bamboestok de boom inklimt. Met zijn kapmes hakt hij de bloem van de tak, waarna hij de stengel ombuigt en uit laat druipen in een fles die hij eraan vastbindt. Het afgetapte vocht wordt uiteindelijk ingekookt door met palmafval aangewakkerd vuur, waarna je het superverse product ook mag proeven.

Slapen

Baan Rim Klong Homestay43/1 Village No.6 Baanprok District, Samut Songkhram 75000Tel : 0066 (0) 34 752 775

Zit je niet te wachten op een verblijf in een homestay of wil je hierna ook vanuit een andere plek de buurt verkennen, dan slaap je heel goed in Baan Amphawa Resort: Baanamphawa.com.

In de buurt van de bekende brug over de River Kwai kun je onder meer terecht bij Pung Waan Resort and Spa (Kwai Yai): Pungwaanriverkwai.com.