Nieuws

Geen indexatie ABP door nieuwe regels

De aanpassing van de pensioenen aan de ontwikkeling van de lonen (de indexatie), zit er bij het ABP voorlopig niet in. De nieuwe, strikte rekenregels die het kabinet de pensioensector oplegt maakt het sowieso „vrijwel onmogelijk’’ dat het ABP de deelnemers nog zal compenseren voor pensioenverlagingen en gemiste indexaties uit het verleden.

Door de verminderde kans op indexatie is de verwachting dat het ABP-pensioen over een periode van enkele jaren 3% zal achterblijven bij de doelstelling van het fonds om de pensioenen aan te passen aan de loonontwikkeling. Omdat een gemiddeld pensioen van het ABP €700 bruto per maand is, kost dit de deelnemers ruim twee tientjes bruto per maand.

Dit blijkt uit de eerste doorrekeningen die het ABP heeft gemaakt over de nieuwe rekenregels, het zogeheten nieuwe Financieel Toetsingskader (nFTK). Bij een presentatie van de de doorrekening maakte het ABP er geen geheim van dat het fonds niet gelukkig is met het nFTK.

Eén van de belangrijkste onderdelen van de nieuwe regels is het feit dat pensioenfondsen veel grotere buffers moeten aanhouden voordat ze de pensioenen mogen indexeren. Tegenvallers en meevallers in de financiële ontwikkeling van het fonds mogen niet meteen worden gebruikt voor aanpassing van de pensioenen maar moeten worden uitgesmeerd over een periode van tien jaar.

Strikt

De regels zijn zó strikt dat het ABP jaren nodig zal hebben om de vereiste buffers te bereiken. In die tussentijd zullen de pensioenen maximaal voor een klein deel aangepast kunnen worden aan de loonontwikkeling. Vice-voorzitter Cees de Veer van het ABP voorziet grote problemen in de communicatie met de deelnemers: „Het spaarvarken wordt steeds dikker. De mensen snappen dan niet dat de pensioenen niet geïndexeerd worden.’’

Het ABP verzorgt de pensioenen van (ex-)ambtenaren en mensen die in het onderwijs werken of hebben gewerkt. Met een belegd vermogen van ruim 300 miljard euro is het ABP verreweg het grootste pensioenfonds van ons land. De financiële positie van het fonds is niet echt slecht. De dekkingsgraad die aangeeft hoeveel geld er in kas is ten opzichte van de toegezegde pensioenen, ligt op 106%. In 2013 moest het ABP de pensioenen met een half procent krimpen wegens een onvoldoende financiële positie. Dit jaar is die korting weer ingehaald.

Buffers opeten

Het kabinet wil het nFTK in 2015 laten ingaan. Eén van de belangrijkste doelen van de ingreep is te vermijden dat de pensioenen voor ouderen te snel omhoog gaan en zij alle buffers opmaken. Dan blijft op de lange termijn te weinig over voor de huidige generatie jonge werkenden. De rekensommen van het ABP geven aan dat de aanpassing in de praktijk ook zo uitpakt. De indexatie die niet wordt verleend, wordt gebruikt om de buffers te vergroten. Jose Meijer, ook vice-voorzitter van het ABP, omschrijft het als „de ambitie om te indexeren schuift naar achteren’’.

Het wordt in de komend jaar überhaupt lastig voor pensioenfondsen om hun ambities voor indexatie na te komen. Het nFTK legt onder meer ook veranderingen op voor de berekening van de verplichtingen door aanpassing van de rentestructuur die voor die berekening gelden. Dat leidt in het algemeen tot een lagere dekkingsgraad, zo verwacht de pensioensector. Hoe groot de daling is, hangt van het fonds af. Het ABP gaat uit van „enkele procentpunten’’.