Nieuws/Binnenland

NIEUWS

Nederlandse lichtschip ligt weg te roesten in Suriname

Achter de dijk van Fort Nieuw Amsterdam, district Commewijne, Suriname, ligt het lichtschip Suriname-Rivier weg te roesten. Het is een van de eerste stalen lichtschepen die in Nederland zijn gebouwd.  De initiatiefnemers tot restauratie ervan zijn echter diep teleurgesteld. Hun aanvraag is afgewezen.

Lichtschepen, op vaste plaats voor de kust verankerde vuurtorens, zijn in het tijdvak 1870 tot 1970 van zeer groot belang geweest voor de veilige vaart op zee. Met name voor de juiste positiebepaling van schepen. Met de komst van GPS (Global Positioning System) en satellietnavigatie waren zij niet meer nodig. De meeste zijn gesloopt.

Zeilend lichtschip

Lichtschip Suriname-Rivier is het tweede stalen lichtschip dat in 1910 In Nederland is gebouwd. Lichtschepen hadden toen nog geen machines. Het transport naar Suriname is dan ook een verhaal apart.  Kapitein Johannes Franciscus Wijsmuller (1876-1923), een uiterst bekwaam zeeman met diploma's Grote Zeilvaart en Grote Stoomvaart, zorgde voor wereldnieuws door de Suriname-Rivier in 1911 zeilend naar Suriname te brengen. Hij liet de lichttoren demonteren, zette er masten op en koos 27 februari het ruime sop. Op 6 april en kwam het zeilschip behouden in Paramaribo aan. Daar werd het weer omgebouwd tot lichtschip.

Teleurstelling

In april bezocht Steven Gerritsen, lid van het projectteam, met de nieuw benoemde  Nederlandse ambassadeur te Paramaribo, Ernst Noorman, het lichtschip. ,,Van de zijde van de Ambassade´´, schrijven de initiatiefnemers, ´´kregen wij onlangs het  teleurstellende bericht, dat   het projectvoorstel voor behoud met aanvrage voor een bijdrage uit het fonds   Gemeenschappelijk Cultureel Erfgoed – naar beneden bijgesteld naar € 25.000, om   dit uniek maritiem erfgoed voor verder verval te behoeden - is afgewezen.´´

Uiterste poging

,,Er zal nu een uiterste poging worden gedaan om het streefbedrag van € 25.000 bijeen te brengen om – in medische termen te spreken – de ‘patiënt te stabiliseren’. Lukt   dat niet dan kan het restauratieproject  na 5 jaar worden afgeschreven en   overgedragen aan de sectie scheepsarcheologie.´´ De iniatiefnemers hopen nu op particuliere donaties om dit deel van de Nederlandse maritieme historie veilig te stellen. Zie verder de site van de intiatiefnemers.