Nieuws/Binnenland

PwC-top graait met vastgoed

Een groep topmanagers van accountantsreus PwC blijkt evenals bij het onder vuur liggende KPMG gezamenlijk voor miljoenen euro’s privébeleggingen aan te houden in vastgoedprojecten. Dit bevestigt PwC na onderzoek van De Telegraaf.

Elf PwC-partners kochten van hun riante salarissen van zo’n half miljoen euro per jaar samen voor 4,5 miljoen euro flatgebouwen en losse woningen in Den Haag. De bedoeling was steeds om de woningen op te knappen en te verhuren als appeltje voor de dorst.

De interne vastgoedclub, waar ook twee leden van de raad van bestuur toe behoren, wordt komende week door PwC gedwongen om al het vastgoed van de hand te doen. Toekomstige beleggingsclubs zijn vanaf dat moment verboden. Het concern vindt het gezamenlijk beleggen van zijn topmanagers ongewenst. „We willen geen partnerships binnen partnerships”, aldus een woordvoerder.

Vorige maand besloot concurrent KPMG in te grijpen bij een soortgelijk gezamenlijk privévastgoedavontuur, waaraan zelfs hun bestuursvoorzitter Jurgen van Breukelen deelnam. Zijn betrokkenheid bij deze omstreden beleggingsclub leidde uiteindelijk tot Van Breukelens aftreden.

Volgens PwC zijn de vastgoedbeleggingen van hun topmanagers echter niet te vergelijken met die van KPMG. „Het gaat hier niet om speculatie, maar om passieve beleggingen gericht op de lange termijn”, stelt hun zegsman. De opbrengsten zouden gebruikt worden voor pensioenopbouw, aangezien regelgeving van accountants het vrijwel onmogelijk maakt om in aandelen te beleggen. Toezichthouder AFM is onlangs door PwC van de maatregel op de hoogte gesteld.