Nieuws/Binnenland
957952
Binnenland

CLIPPER ROUND THE WORLD RACE

Potvis op haar na gemist

Alles was afgelopen maandagavond rustig en stil aan boord van de Nederlandse raceboot OneDLL die met acht Nederlanders op het midden van de Atlantische Oceaan zeilde. Nog een uur en dan zou in de Clipper Round the World Race de wacht worden afgelost aan boord van de Nederlandse boot, waar de Telegraaf Vaarkrant op meevaart. En toen, om 20.43 uur, werd er ineens geschreeuwd. Voor de boeg doemde een walvisrug op.

,,Walvis! Walvis!'', riep de roerganger. De boot had een snelheid van circa zes knopen, genoeg om serieuze schade te krijgen wanneer ze frontaal op 's werelds grootste zoogdier zouden varen. Bijna iedereen aan boord rende naar het dek en ging aan de reling staan. In het laatste avondlicht spoot ineens een drie meter hoog spuitfonteintje op, twintig meter voor de boot. ook de schipper, Olly Cotterell, die net in zijn kooi lag, kwam aan dek staan.

Heftig

,,Waar? Waar?'', zei hij gehaast. Al eerder tijdens deze race, in de buurt van Australië, was zijn schip zeer waarschijnlijk tegen een walvis opgevaren. Ze hadden midden op zee, op weg van Hobart naar Brisbane, ineens iets geraakt. Het was geen hoge felle tik geweest, zeker geen rots, maar meer alsof ze iets raakten wat enigszins meegaf. Ondanks dat was de klap zo heftig geweest dat iedereen aan boord was omgevallen.

Serieus gevaar

Een walvis, concludeerde de schipper achteraf over dat incident. Walvissen vormen een serieus gevaar voor zeilers, zeker voor racers op de oceaan, voor hen die met grotere snelheden door of zelfs over het water scheren. Er zijn de afgelopen decennia regelmatig boten gezonken door aanvaringen. Alleen ronddrijvende containers zijn nog gevaarlijker, die geven helemaal niet mee.

Kleerscheuren

Zouden ze er nu opnieuw zonder kleerscheuren vanaf komen? ,,Hard naar bakboord! Hard naar bakboord!'', schreeuwde de schipper in de stille avond.

De roerganger gaf een hengst aan het stuurwiel. Dat ze de spinaker op hadden staan maakte niet uit, dan maar eventueel een in elkaar geklapte spinaker. Als ze die walvis maar koste wat kost vermeden. Op een paar meter afstand ruiste het dier langs het gangboord. De mond van veel bemanningsleden viel open, dit hadden ze nog nooit gezien.

Potvis

Een potvis, circa zeven meter lang. De soort walvis uit de roman, Moby Dick'. Waarschijnlijk een potvisjong dat aan de oppervlakte wachtte tot zijn moeder was terugkomen van de jacht in de diepte. Terwijl de boot weer verder voer, en de opvarenden elkaar van kinderlijk enthousiasme op de schouder sloegen, was de spuitfontein van de walvis nog twee keer te zien

- en daarna was de zee weer zoals altijd, alsof het nooit had plaatsgevonden.

Haai

Ook een ander dier dan een walvis heeft al bijna serieuze schade toegebracht aan iets anders aan de boot. Op weg naar Singapore voelden de opvarenden enkele maanden geleden ineens dat de boot van achteren een korte klap kreeg. Een haai bleek geprobeerd te hebben een hap te nemen van een van de twee roerbladen. Kort daarop, toen de boot in de haven uit het water werd getild, bleek er een haaientand in het roerblad te zitten.

Halsketting

Het ging om een tand van een zogenoemde 'makohaai', de snelste haai van de zee en een van de vijf haaien die gevaarlijk kunnen zijn voor mensen. De tand hangt nu aan een ketting aan de hals van schipper Cotterell.