Nieuws/Binnenland

Kamer duikt 6 weken lang in corporatiemisère

„Het is goed dat er wordt gekeken naar de misstanden en excessen die er zijn geweest. De rekening daarvoor komt uiteindelijk bij de huurders.” Dat zegt woonminister Stef Blok naar aanleiding van de parlementaire enquête naar het stelsel van de woningcorporaties, die komende woensdag begint. Nederland telt 381 corporaties met samen 2,4 miljoen sociale huurhuizen.

De sector verspeelde veel geld door financiële avonturen. De Parlementaire Enquêtecommissie Woningcorporaties zal 6 weken lang getuigen en deskundigen onder ede horen: corporatiedirecteuren, leidinggevenden uit de corporatiesector, commissarissen, toezichthouders, ambtenaren en politici. Het onderzoek beslaat de laatste 20 jaar. Als beginpunt wordt de verdere verzelfstandiging van de woningcorporaties begin jaren '90 genomen.

Aanleiding echter zijn de zware incidenten van de laatste jaren, zoals bij Vestia, Woonbron en Rochdale. De commissie gaat met een aantal corporaties speciaal aan de slag. Behalve met de hiervoor genoemde zijn dat Rentree, Woningstichting Geertruidenberg (WSG) , Servatius en Laurentius.

Het meest in opspraak kwam Vestia, een van de grootste corporaties. Topman Erik Staal trad af wegens kolossale tegenvallers na de aanschaf van risicovolle beleggingsproducten (derivaten). Hij stapte op met een zeer riante vertrekregeling die breed werd veroordeeld. De stemming jegens Staal werd er niet beter op toen bleek dat hij een fraaie villa voor zichzelf aan het bouwen was op Bonaire. Vestia heeft Staal aansprakelijk gesteld voor 1,9 miljard euro.

Woonbron ging onder meer de mist in door de aankoop van de 'Rotterdam' om het schip uit te baten als hotel, restaurant, conferentiezaal en werkplek. Bestuursvoorzitter Hubert Möllenkamp van Rochdale werd ontslagen wegens allerlei gesjoemel, waarop zelfs vervolging werd ingesteld.

De enquêtecommissie staat onder voorzitterschap van oud-PVV'er Roland van Vliet, die nu een eenmansfractie belichaamt. Ze bestaat verder uit Ed Groot (PvdA, ondervoorzitter), Anne Mulder (VVD), Farshad Bashir (SP), Peter Oskam (CDA) en Wassila Hachchi (D66).

De commissie moet zich optimaal vrij voelen om te vragen wat nodig is, aldus Van Vliet. De mensen die worden gehoord, moeten in principe antwoord geven. Ook als ze dat in lastig vaarwater brengt doordat er bijvoorbeeld ook nog een rechtszaak loopt. Maar dat is nu eenmaal niet de zaak van de commissie, zegt Van Vliet. Het aantal verschoningsgronden, redenen om niet te antwoorden, is 'beperkt', aldus de voorzitter.