Nieuws
966249
Nieuws

Manusje van alles

Eerste testnotities: BMW M4 Coupé

Ook met een turbomotor en elektrische stuurbekrachtiging weet de BMW M4 de liefhebber probleemloos voor zich te winnen. Bovendien is hij breder inzetbaar dan ooit tevoren.

Ramp?

Toen de ingenieurs van de legendarische BMW M-divisie enkele jaren geleden op pad werden gestuurd met het boodschappenlijstje voor de nieuwe M3 Sedan en M3 Coupé (die voortaan M4 heet), was meteen duidelijk dat er een in München tenminste één heilig huisje tegen de vlakte zou gaan. Een motor die meer dan 430 pk en minder dan 200 g/km aan CO2 kan produceren, moest er wel eentje met turbolading zijn. Daarmee is een eind gekomen aan 28 jaar en vijf generaties BMW M3 met een toerengewillige, natuurlijk ademende motor voorin. Is dat een ramp? Nee, kunnen we concluderen na de eerste testkilometers met de nieuwe M4.

Geen tijd

Wat de M4 met zijn dubbelgeblazen drieliter zes-in-lijn tekort schiet aan beleving en spanningsopbouw naarmate je de rode lijn nadert, maakt hij meer dan goed met een overdaad aan trekkracht tussen 1500 en 7000 toeren per minuut. De M4 sleurt er zo hard aan, dat je niet eens tijd hebt om na te denken over hoe ‘vroeger alles beter was’. Samen met de razendsnel en communicatief schakelende zeventraps M DCT bak met dubbele koppeling, vormt de nieuwste M-krachtcentrale een gevreesd duo voor de achterbanden. Een niet aflatende stroom geweld wordt door het 100% sperrende en elektronisch aangestuurde differentieel op de achteras zo goed en kwaad als het kan omgezet in ademstokkende versnelling.

Tractie

Bij het wegtrekken uit bochten blijft het diff onophoudelijk zoeken naar tractie, door het vermogen geleidelijk van het binnenste naar het buitenste achterwiel te dirigeren. Als je (bewust of onbewust) toch teveel gas blijft geven, laten de wielen progressief het asfalt los en kun je ‘m zo dwars als je hartje begeert de bocht uit vegen. Daarbij al dan niet geholpen door een intelligent en meedenkend ESP systeem met ‘M Driving Modus’, dat functioneert als een soort raceinstructuur, door pas in te grijpen als het zeker weet dat de bestuurder niet weet waar hij mee bezig is. Omdat het grensbereik zich luid en duidelijk aankondigt via de precieze en lineair opladende besturing, alsmede het zitvlak, is de grens eenvoudig af te tasten.

Circuitbeest

Op de momenten dat de M4 wordt ingezet als gewoon transportmiddel, gedraagt hij zich naar wens als een doodnormale 4 Serie. De stuurbekrachtiging, het schakelgedrag van de transmissie, het motorkarakter en de schokdempers zijn met knopjes op de middentunnel in één van drie standen te zetten, variërend van comfort, via sport tot sport-plus. Het verschil tussen de standen is zeer duidelijk merkbaar. Zo laat de M4 zich met een paar knopdrukken transformeren van een circuitbeest tot een aangename Autobahn-kruiser. Het is écht lastig om een auto te bedenken die zo veelzijdig inzetbaar is en tegelijkertijd zo bevredigend voor de enthousiaste stuurman.