Nieuws/Binnenland

NIEUWS

Eerste proefvaart Yvette II

De replica van Nederlands beroemdste Engelandvaardersboot heeft enkele dagen geleden haar eerste proefvaart gemaakt in Loosdrecht. De Telegraaf Vaarkrant gaat er in april de Noordzee mee over.

Nog twee meter, nog een meter, nog een centimeter, nog een millimeter. Dan raakt de romp van de Yvette II voor het eerst in haar leven water. Een gejuich stijgt op. Tenminste, voor zover je de kreten van maar drie mannen die betrokken zijn bij het Yvette-project nog ’gejuich’ kunt noemen.

Kraan

De twee jongens die de kraan bij Navilex in Loosdrecht bedienen, kijken verbaasd. Waar is die commotie voor? Dit is toch alleen maar een onopvallende kleine vlet? De drie gaan het niet uitvoerig uitleggen wat voor grootse voorgeschiedenis er achter dit kleine bootje zit. „Hier gaan we mee naar Engeland”, is de uitleg. Weer kijken de twee behulpzame Navilex-mannen verbaasd.

Uitgekeken

Maanden hebben Vaarkrant-redacteuren Brandsma en Ongering uitgekeken naar het moment waarop deze replica van een Helderse vlet – waarmee vier mannen en een vrouw in 1943 naar Engeland ontkwamen – eindelijk te water zou gaan.

Nieuwsgierig

De Yvette II werd gebouwd in opdracht van de zoon van een verzetsman die Engelandvaarders, waaronder die op de originele Yvette, een stuk richting zee sleepte. Bouwer was Bart Jan Bats uit Wormerveer. En nu staan Epco Ongering, Teije Brandsma en tv-producent Wik Becker er met een glimlach op hun gezicht bij. Becker stapt als eerste in de Yvette II die nu in het water ligt. De andere twee kijken nieuwsgierig toe. „Hoe voelt het”, vraagt Brandsma na een paar seconden. „Nogal wiebelig.”

Aangeslagen

De vier roeiriemen gaan uit de boot en worden op de kade gelegd. Roeien kan altijd later nog. Met z’n drieën wordt de mast omhooggetild en op de bodem van de boot geplaatst. De stagen, de piekeval en de klauwval worden ontward. Dan kan het oude Sharpiezeil, afkomstig van de vliering van Sharpie-veteraan Cor van Wijk, worden aangeslagen.

Oefenen

Alles past, in ieder geval op het eerste gezicht. Bouwer Bart Jan Bats heeft uitstekend werk verricht. Bij de tocht over de Noordzee gaat een antieke 6-pk Archimedes-motor mee. Maar eerst maar even oefenen met een moderne Suzuki 6-pk langstaart. Die slaat tenminste na een keer trekken aan.

Tuffen

De drie tuffen langzaam de haven uit. Dan wordt de motor uitgezet. Op de plas zijn af en toe schuimkopjes te zien, er staat windkracht vijf met vlagen van zes. Met deze wind zullen ze niet snel naar Engeland vertrekken, al helemaal niet als die zoals nu uit een westelijke hoek komt. Halve wind varend met sterk gereefd tuig komt het water niet schrikbarend dicht bij het vrijboord. Dit is een vaartuig waarvan je kunt gaan houden tijdens de reis naar Engeland. In ieder geval is het een boot met een ziel, zoveel is al na slechts een rak duidelijk. Het lijkt op de ’Brendan’, de monnikenboot waarmee de Atlantische Oceaan werd overgestoken.

Instabiel

En Yvette is inderdaad instabiel. Een kleine gewichtsverplaatsing heeft direct een lichte koersverandering tot gevolg. De in totaal vijf opvarenden zullen straks op weg naar Engeland allemaal hun vaste plek moeten hebben. En een van die vijf zal in wisseldienst steeds bezig moeten zijn met het bewaken van de balans.

Veertig uur

De Yvette II vaart nu ruim drie knopen, vijf tot zes kilometer per uur. Niet slecht voor een bootje waarvan het origineel er bijna drie dagen over deed om Engeland te halen. „Als we met deze snelheid oversteken, zijn we er in veertig uur”, grijnst Ongering. Drie kwartier later meren ze af en wordt de eerste tocht geëvalueerd. De oversteek naar Engeland wordt een serieuze onderneming en vooral ’s nachts zal er geconcentreerd en gedisciplineerd gevaren moeten worden, luidt de conclusie. Maar het lijkt niet ondoenlijk.

Prachtig bootje

De Yvette II wordt weer aangelegd. „Grappig bootje”, zegt een man achteloos in het voorbijgaan, terwijl hij met wat kussens op weg naar zijn tender over de steiger loopt. „Vinden wij ook”, zegt een van de drie. „Een prachtig bootje.”