Nieuws/Binnenland

Amsterdam helpt Syrische fietsenmakers

Hoe haal je op de slimste manier afval op en waar kan het beste een weg worden aangelegd? Met die vragen kampt het VN-vluchtelingenkamp Al Zaatari in het noorden van Jordanië. Om deze problemen op te lossen schieten gemeente Amsterdam, de VNG en het kabinet de VN te hulp. Ook gaan Syrische fietsenmakers leren hoe ze riksja's moeten bouwen en krijgt ambulancepersoneel training.

De drie instanties maakten dat zaterdag bekend. Op deze dag is het precies drie jaar geleden dat de bloedige burgeroorlog in Syrië uitbrak. Minister Lilianne Ploumen (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking) maakt voor het project een miljoen euro vrij.

In die drie jaar is het VN-kamp razendsnel in Al Zaatari uitgedijd tot de vierde stad van het land. Er verblijven al meer dan 140.000 mensen en de kans dat de Syrische vluchtelingen binnenkort naar huis kunnen gaan, is niet groot. Met die groei hebben ook de problemen een stedelijke omvang gekregen. En daar gaat Amsterdam helpen.

„Amsterdam heeft veel expertise op het gebied van watermanagement en afvalinzameling en kan hulp bieden aan het vluchtelingenkamp”, aldus burgemeester Eberhard van der Laan. Zijn ambtenaren gaan onder meer onderzoeken hoe de huishoudens het beste aangesloten kunnen worden op het waternet en hoe afval efficiënter is in te zamelen.

Verder gaan ze aan Syrische fietsenmakers leren hoe je riksja's moet bouwen, wordt ambulancepersoneel getraind en wordt er geholpen bij de aanleg en planning van wegen. „Het gaat hier niet meer om de traditionele vorm van noodhulp, maar om het vinden van manieren om deze vluchtelingen zo snel mogelijk weer zelfstandig te kunnen laten leven”, stelt Ploumen.

Het project gaat in eerste instantie een jaar duren en de eerste Amsterdamse ambtenaren en deskundigen van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten reizen deze weken al naar het Arabische land.