Nieuws/Buitenland

'De Krim kunnen we als verloren beschouwen'

De Krim is stilletjes in handen van het Kremlin gevallen en de Russische president Vladimir Poetin laat niet meer los. Dat is de stellige overtuiging van Marcel de Haas, luitenant-kolonel buiten dienst en als Ruslandkundige verbonden aan Instituut Clingendael. „De Krim kunnen we als verloren beschouwen”, zegt hij. „De Russische troepen zijn er nu en die gaan daar niet meer weg.”

Hoewel Poetin ontkent dat er sprake is van annexatie of van een invasie, lijken Russische strijdkrachten strategische posities te hebben ingenomen op het Oekraïense schiereiland waar Rusland de belangrijke basis van de Zwarte Zeevloot in Sebastopol heeft. De toegangswegen naar de landengte zijn afgesloten, vliegvelden zijn onder controle en kazernes van het Oekraïense leger zijn omsingeld. Dit alles door militairen die geen herkenningsemblemen dragen.

„De troepen die we zien, zijn onmiskenbaar Russisch”, zegt De Haas. „Het gaat waarschijnlijk om militairen van de marine-infanterie van de Zwarte Zeevloot, wat wij mariniers zouden noemen. Elite-eenheden dus. Het is een georganiseerd optreden door goed uitgeruste eenheden. Dit zijn geen volksmilities zoals Poetin beweert. Formeel is het niet zo maar feitelijk is de Krim geannexeerd.”

Uit documenten van het Oekraïense ministerie van Buitenlandse Zaken blijkt dat Rusland de afgelopen dagen minstens tien grote militaire transportvliegtuigen heeft laten landen in de Krim, tegen internationale verdragen in. „Het is standaard militair optreden en een oude truc”, zegt De Haas. „Je laat eerst mariniers vliegvelden beveiligen en daar dan vervolgens landingseenheden binnenvliegen. Ook elitetroepen.”

De Haas wijst op een grote Russische oefening die tijdens de transporten gaande was aan de Oekraïense grens. „Ze hebben de toestellen mogelijk in één ruk door laten vliegen naar de Krim.” Volgens Oekraïne zijn op die manier 16.000 man naar de Krim gebracht.

De Haas trekt een vergelijking met de vroegere Sovjetrepubliek Georgië. Tijdens de oorlog in 2008 in Zuid-Ossetië, een afvallige regio, trokken Russische troepen ook tijdens een oefening het gebied binnen, eveneens met als voorwendsel dat ze Russische staatsburgers moesten beschermen. Die troepen zitten er nog.

Rusland heeft zelf voorwaarden voor eventuele ingrepen in vroegere Sovjetrepublieken als Oekraïne, Moldavië en Azerbeidzjan officieel vastgelegd in zijn veiligheidsbeleid. Zo is bepaald dat het mag interveniëren in de voormalige Sovjetregio en dat het altijd Russische staatsburgers moet beschermen.

De Ruslandkenner heeft een remedie tegen dit permanente „gestook” vanuit Moskou in vroegere Sovjetrepublieken: maak die landen lid van westerse organisaties als de EU of de NAVO. „Dan houdt het op en kan Poetin er niet meer in stoken. Zo niet, dan blijft dit aan de gang. Ik besef dat dit politiek niet haalbaar is en dat ik er wat makkelijk over praat. Maar lidmaatschap van de NAVO is de uitweg.”