Nieuws/Binnenland
988564
Binnenland

Rechters: strafproces niet in twee delen

De rechters in Nederland zijn geen voorstander van het opknippen van strafprocessen. Daarbij zouden de slachtoffers pas aan bod komen als daadwerkelijk iemand schuldig is bevonden.

Slachtofferorganisaties, wetenschappers en rechters zien zelf weinig voordelen. Bovendien zou de behandeling van de strafzaken ook bewerkelijk en dus duurder worden, zo staat in een gespreksnotitie die voorzitter Frits Bakker van de Raad voor de Rechtspraak woensdag inbrengt bij een gesprek in de Tweede Kamer.

In sommige zaken werd het als knellend ervaren dat een slachtoffer zich al uitsprak over de gevolgen van een misdrijf terwijl een rechter nog niet had vastgesteld dat de verdachte schuldig was. De voorganger van Bakker, Erik van den Emster, pleitte daarom 2 jaar geleden voor een experiment met een proces in twee fasen. Hier is de Raad voor de Rechtspraak dus nu op teruggekomen.

Slachtoffers vrezen volgens Bakker een verschraling van hun inbreng, doordat ze pas in een latere fase aan bod komen. Rechters wijzen op een zwaardere werklast. Bovendien ervaren veel rechters de huidige opzet niet als problematisch. Ze zien het opknippen van het strafproces dan ook als een „bewerkelijke oplossing voor een niet bestaand probleem”, stelt Bakker.